Witte vruchtpluizen boven smal blad
Veenpluis (Eriophorum angustifolium) wordt doorgaans 30 tot 60 cm hoog. De kleine, bruine bloemen in het voorjaar vallen nauwelijks op. De sierwaarde ontstaat daarna, wanneer de lange witte haren rond de vruchtjes uitgroeien tot losse, katoenachtige pluizen.
De plant breidt zich met ondergrondse uitlopers uit tot losse groepen. Daardoor past veenpluis goed in een natuurlijke vijverrand, veentuin of moerasbeplanting waar het enige ruimte krijgt om zich te ontwikkelen.
Een uitgesproken voorkeur voor natte, zure grond
Deze soort groeit het best op een zonnige plaats met een blijvend natte, voedselarme en kalkarme bodem. Zure zand-, leem- en veengrond zijn geschikt zolang de wortelzone niet uitdroogt. Aan een vijverrand mag de plant tijdelijk enkele centimeters onder water staan, maar het is geen plant voor diep water.
Een gewone, voedselrijke tuinbodem is minder geschikt. Ook op kalkrijke grond groeit veenpluis doorgaans zwak. De plant is goed winterhard in België, maar blijft afhankelijk van een voortdurend vochtige standplaats.
Bestellen