- Tous les produits
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- CARYOPTERIS CLANDONENSIS 'WHITE SURPRISE'
- Bladverliezend
Blauwbaard (Caryopteris × clandonensis 'White Surprise') onderscheidt zich door zijn grijsgroene bladeren met een brede, roomwitte rand. Dit bonte loof geeft de struik vanaf het voorjaar een lichte uitstraling. Bij kneuzing verspreiden de bladeren een aromatische geur.
De helderblauwe bloemen verschijnen vooral in augustus en september. Ze staan in dichte groepjes langs de jonge scheuten en worden bezocht door bijen en andere bestuivende insecten. De struik groeit bossig en opgaand en wordt doorgaans ongeveer 1 m hoog. Onder gunstige omstandigheden kan hij wat groter uitgroeien.
'White Surprise' groeit het best in de volle zon, op een lichte en goed doorlatende bodem. Een eenmaal ingewortelde plant verdraagt droge perioden redelijk, maar langdurige droogte kan bij jonge planten tot groeistilstand leiden. Natte wintergrond is minder geschikt, omdat die de kans op wortel- en vorstschade verhoogt.
Snoei de struik in maart of begin april terug, zodra de strengste vorst voorbij is. De bloemen worden op de jonge scheuten van hetzelfde groeiseizoen gevormd. Een jaarlijkse voorjaarssnoei houdt de plant compact en stimuleert de vorming van nieuwe bloeiende takken.
In België staat deze cultivar het veiligst op een warme, beschutte plaats. Vooral jonge planten en exemplaren in pot kunnen tijdens strenge vorst extra bescherming gebruiken. Potten moeten goed afwateren en mogen in de winter niet langdurig nat blijven.
'White Surprise' kan in België buiten overwinteren, maar verlangt een warme, beschutte standplaats en een goed doorlatende bodem. Vooral winterse nattigheid verhoogt de kans op schade. Plant hem daarom niet in zware grond waar water rond de wortels blijft staan. Jonge planten kunnen tijdens strenge vorst beschermd worden met een luchtige laag bladeren of ander isolerend materiaal rond de voet. Exemplaren in pot zijn kwetsbaarder, omdat de wortelkluit sneller bevriest. Zet de pot beschut en voorkom dat overtollig water erin blijft staan.
Snoei deze blauwbaard in maart of begin april, nadat de strengste vorst voorbij is. Kort de takken stevig in tot boven enkele gezonde knoppen. De plant vormt zijn bloemen op jonge scheuten die tijdens hetzelfde groeiseizoen ontstaan, zodat een voorjaarssnoei de bloei niet wegneemt. Jaarlijks snoeien beperkt verhouting, stimuleert nieuwe vertakking en houdt de struik compact. Snoei niet in het najaar: de oude takken bieden tijdens de winter enige bescherming aan de basis van de plant.
Een goed ingewortelde plant verdraagt tijdelijke droogte op een lichte, doorlatende bodem. Jonge exemplaren hebben tijdens droge perioden wel geregeld water nodig om een goed wortelgestel te ontwikkelen. Ook langdurige zomerdroogte kan extra water noodzakelijk maken. Vermijd het andere uiterste: voortdurend natte grond, vooral in de winter, is ongeschikt. Op zware kleigrond is een verhoogde plantplaats of een structurele verbetering van de afwatering aangewezen. De bodem hoeft niet rijk bemest te worden; een te sterke groei kan ten koste gaan van een compacte vorm.
Ja, de compacte groei maakt deze cultivar bruikbaar voor een ruime pot. Gebruik een pot met voldoende afvoergaten en een luchtig substraat dat na het gieten niet langdurig nat blijft. Geef tijdens warme perioden regelmatig water, want een potkluit droogt sneller uit dan tuingrond. Laat geen water in een onderschaal staan. De wortels zijn in pot gevoeliger voor vorst; zet het exemplaar tijdens koude perioden beschut of isoleer de pot. Voorjaarssnoei helpt om de struik beheersbaar en goed vertakt te houden.
De blauwe bloemen leveren in de nazomer voedsel aan bijen en andere bestuivende insecten. Dat tijdstip is waardevol omdat het aanbod aan bloeiende struiken dan al kleiner wordt. De rijkste bloei ontstaat op een zonnige plaats en aan krachtige jonge scheuten. Snoei daarom in het voorjaar en vermijd diepe schaduw. Ook een te natte bodem kan de groei en daarmee de bloemvorming beperken. De bonte bladkleur verandert niets aan de bruikbaarheid van de bloemen voor bestuivers.