- Tous les produits
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Siergrassen
- STIPA CAPILLATA
- Siergrassen
Vedergras met lange kafnaalden
Stipa capillata vormt een opgaande pol van zeer smal, vaak ingerold grijsgroen blad. In de zomer verschijnen losse pluimen boven het loof. De fijne kafnaalden kunnen meer dan 10 cm lang worden en geven de bloeiwijzen hun zijdeachtige glans en beweeglijke karakter. De pluimen kunnen ook als droogbloem worden gebruikt.
Standplaats en bodem
Dit vedergras groeit het best in volle zon op een droge, goed doorlatende bodem. Het verdraagt kalk en kan na het inwortelen goed omgaan met droge perioden. Een zware bodem waarin tijdens de winter lang water blijft staan, is minder geschikt.
Onderhoud
Stipa capillata is bladverliezend. Laat het verdroogde loof bij voorkeur tijdens de winter staan en knip de pol pas in de late winter of het vroege voorjaar terug, voordat de nieuwe groei begint. De soort past vooral in zonnige borders, grindtuinen en beplantingen met andere droogteminnende vaste planten en siergrassen.
Stipa capillata wordt doorgaans ongeveer 60 tot 100 cm hoog wanneer de bloeistengels worden meegerekend. De smalle bladeren blijven lager en vormen een opgaande pol. De uiteindelijke hoogte varieert met de bodem en de hoeveelheid vocht. Op een droge, voedselarme standplaats blijft de plant meestal compacter dan op een rijkere tuingrond. Voorzie voldoende ruimte zodat de losse pluimen vrij kunnen bewegen en niet tussen krachtiger groeiende planten verdwijnen.
Ja. Droge zandgrond is geschikt wanneer de plant voldoende zon krijgt. Stipa capillata verdraagt droge perioden goed zodra het wortelstelsel ontwikkeld is. Geef na de aanplant wel water totdat de plant goed is ingeworteld. Een erg voedselrijke bodem is niet nodig. Op een schralere grond blijft de groei doorgaans steviger en past het gras beter bij andere droogteminnende planten.
Alleen wanneer de kleigrond voldoende doorlatend is. Vooral stagnerend wintervocht is ongunstig voor dit vedergras. Op zware, natte klei is aanplant daarom minder aangewezen. Een verhoogde plantplaats of het verbeteren van de afwatering kan helpen, maar de soort groeit betrouwbaarder op zandige, stenige of lichte leemgrond. Kalk in de bodem vormt doorgaans geen probleem.
Knip het verdroogde loof in de late winter of het vroege voorjaar terug, voordat de nieuwe bladeren duidelijk beginnen uit te lopen. Snoei de pol niet onnodig in het najaar. Het oude blad beschermt het hart van de plant enigszins en geeft tijdens de winter nog structuur. Verwijder bij het terugknippen ook los, dood materiaal uit het midden van de pol.
Nee. Stipa capillata is bladverliezend, al kan het verdroogde loof gedurende een deel van de winter zichtbaar blijven. De plant loopt in het voorjaar opnieuw uit vanuit de basis. Een goed doorlatende bodem is tijdens de winter belangrijker dan extra bescherming tegen koude. Langdurig natte grond kan het hart van de pol beschadigen, ook wanneer de luchttemperatuur op zichzelf geen probleem vormt.