- Tous les produits
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- RHODODENDRON (AK) 'HARVEST MOON'
- Bladverliezend
Rhododendron 'Harvest Moon' is een bladverliezende Knaphill-azalea die in mei en juni bloeit met gele bloemen. De bloei verschijnt vóór of tijdens de ontwikkeling van het jonge blad en is daardoor goed zichtbaar.
Deze cultivar groeit uit tot een middelgrote struik van ongeveer 1 tot 1,5 meter hoog. Hij kan solitair of in een heestervak worden aangeplant, bij voorkeur op een zonnige tot halfschaduwrijke plaats. In volle zon moet de bodem voldoende koel en gelijkmatig vochtig blijven.
Een zure, humusrijke en luchtige bodem is belangrijk. Kalkrijke of langdurig natte grond kan groeiproblemen en bladvergeling veroorzaken. Snoei is doorgaans niet nodig; verwijder alleen dood of storend hout. Wanneer vormsnoei gewenst is, gebeurt die het best onmiddellijk na de bloei.
Rhododendron 'Harvest Moon' groeit doorgaans uit tot een middelgrote struik van ongeveer 1 tot 1,5 meter hoog. De uiteindelijke omvang hangt mee af van de bodem, lichtinval en beschikbare wortelruimte. Op een geschikte zure, humusrijke bodem ontwikkelt de struik zich voller dan op droge of kalkrijke grond. Door zijn beperkte hoogte past deze cultivar in een heestervak of als afzonderlijke struik. Houd bij de aanplant voldoende ruimte vrij, zodat de natuurlijke vorm behouden kan blijven en regelmatige vormsnoei niet nodig is.
Ja, deze Knaphill-azalea kan in de zon groeien, op voorwaarde dat de bodem voldoende humusrijk en vochthoudend blijft. Een hete, droge plaats waar de grond snel uitdroogt is minder geschikt. Halfschaduw biedt vaak stabielere groei, vooral op lichte zandgrond of tegen een warme zuidmuur. Breng rond de plant een laag bladcompost of ander zuur organisch materiaal aan om uitdroging te beperken. De bodem moet vochtig kunnen blijven zonder langdurig nat of dichtgeslagen te worden.
Nee. 'Harvest Moon' is een bladverliezende azalea en verliest zijn bladeren in de herfst. Dat onderscheidt deze cultivar van veel wintergroene rhododendrons. In het voorjaar verschijnen de gele bloemen vóór of tegelijk met het jonge blad, waardoor de bloei weinig door het loof wordt afgeschermd. Bladverlies in het najaar is dus een normaal onderdeel van de groeicyclus en wijst niet op een probleem. Tijdens de winter bestaat het sierbeeld hoofdzakelijk uit het takgestel en de aanwezige bloemknoppen.
Kalkrijke grond is niet geschikt zonder een grondige aanpassing van de groeiplaats. Deze cultivar verlangt een zure, humusrijke bodem. Bij een te hoge pH kan de plant voedingsstoffen moeilijk opnemen, waardoor het blad geel wordt en de groei terugvalt. Op uitgesproken kalkhoudende grond is aanplant in een ruime verhoogde border met zuur substraat vaak betrouwbaarder dan een klein plantgat met aangepaste grond. Vermijd ook kalkrijke bodemverbeteraars en gebruik bij voorkeur organisch materiaal dat geschikt is voor zuurminnende planten.
Snoei is meestal beperkt tot het verwijderen van dood, beschadigd of storend hout. Moet de struik toch worden verkleind, snoei dan onmiddellijk na de bloei in mei of juni. De plant heeft daarna nog voldoende tijd om nieuwe scheuten en bloemknoppen voor het volgende voorjaar te vormen. Een late snoeibeurt kan een deel van die knoppen verwijderen en daardoor de bloei verminderen. Knip terug tot boven een gezonde vertakking en vermijd sterke, jaarlijkse vormsnoei wanneer de struik voldoende ruimte heeft.