Grote bewaarappel voor vers gebruik en verwerking
Malus domestica 'Reinette Blanche du Canada' draagt grote, rondachtige appels met een matte, geelgroene schil en een duidelijke bruine verruwing. Aan de zonzijde kan een lichte blos ontstaan. Het geelachtige vruchtvlees is sappig en aanvankelijk licht knapperig, met een zoete, fris zure smaak en een fijn aroma.
De appels zijn geschikt als handfruit, maar komen ook goed tot hun recht in appelmoes, gebak en warme bereidingen. Bij langdurige bewaring wordt het vruchtvlees zachter en wat meliger. De pluk valt doorgaans rond eind september tot oktober. Gezonde, onbeschadigde vruchten kunnen onder koele en vorstvrije omstandigheden tot diep in de winter en soms tot omstreeks maart bewaard worden.
Bestuiving
'Reinette Blanche du Canada' is triploïd en niet zelfbestuivend. Voor een goede vruchtzetting is een andere appelboom met een overlappende bloeiperiode nodig. Omdat deze cultivar zelf weinig bruikbaar stuifmeel produceert, is hij geen geschikte bestuiver voor andere appelrassen. In een kleine tuin vraagt de keuze van de bestuiver daarom extra aandacht.
Groei en standplaats
Het ras groeit van nature krachtig en vormt een brede kroon. Als laagstam begint de kroon lager bij de grond en blijft de boom kleiner dan dezelfde cultivar als halfstam of hoogstam. De uiteindelijke hoogte wordt mede bepaald door de gebruikte onderstam, de bodem en de snoei.
Plant de boom bij voorkeur in de zon, op een voldoende diepe en goed doorlatende bodem. Een open kroon bevordert de lichtinval en luchtcirculatie. Bij een zware vruchtdracht is tijdig uitdunnen nuttig: de overblijvende appels kunnen dan beter uitgroeien en zwaar beladen takken worden minder belast.