- Tous les produits
- Sierplanten
- Bodembedekkers
- PHLOX DOUGLASII 'WHITE ADMIRAL'
- Bodembedekkers
Phlox douglasii 'White Admiral' vormt lage, compacte kussens die in het voorjaar bedekt raken met witte bloemen. De fijne, groene bladeren blijven doorgaans ook tijdens de winter aanwezig, al kan het gewas na een strenge winter tijdelijk minder fris ogen.
Deze kussenphlox groeit het best in de zon en vraagt een goed doorlatende bodem. Vooral tijdens natte Belgische winters is voldoende drainage belangrijk: langdurig natte grond kan de compacte groei verzwakken. Een stenige of zandige bodem is daarom geschikter dan zware, slecht doorlatende klei.
Door zijn geringe hoogte komt 'White Admiral' goed tot zijn recht in een rotstuin, langs een zonnig pad of tussen stenen. De plant breidt zich kussenvormig uit, maar vormt geen snel woekerend tapijt. Snoei is doorgaans niet nodig; na de bloei kunnen storende of verdroogde delen voorzichtig worden weggeknipt.
'White Admiral' blijft laag en vormt doorgaans een kussen van ongeveer 10 cm hoog. Tijdens de bloei kunnen de bloemstengels iets boven het loof uitsteken. De plant groeit vooral in de breedte en is daardoor bruikbaar langs paden, vooraan in een zonnige border of tussen stenen. Houd er rekening mee dat de uitbreiding eerder geleidelijk verloopt. Voor een snel gesloten oppervlak zijn meerdere planten nodig; in een rotstuin is juist die trage, compacte groei vaak gewenst.
Zware kleigrond is alleen geschikt wanneer overtollig water vlot kan wegtrekken. Deze kussenphlox verdraagt langdurig natte grond slecht, vooral in de winter. Maak een compacte bodem daarom luchtiger met grof mineraal materiaal en plant bij voorkeur iets verhoogd. Een losse, stenige of zandige grond sluit beter aan bij zijn groeiwijze. Op een blijvend natte standplaats kan het kussen openvallen en kunnen delen afsterven.
De fijne bladeren blijven doorgaans tijdens de winter aan de plant. Het gewas kan onder invloed van vorst, koude wind en langdurige nattigheid wel tijdelijk doffer of bruiner worden. Dat betekent niet noodzakelijk dat de plant afgestorven is. In het voorjaar kan beschadigd loof voorzichtig worden weggeknipt zodra nieuwe groei zichtbaar wordt. Een zonnige, goed gedraineerde standplaats helpt om het compacte winterbeeld zo goed mogelijk te bewaren.
Een vaste snoeibeurt is niet noodzakelijk. Na de bloei kunnen de uitgebloeide bloemstengels en eventuele verdroogde delen licht worden teruggeknipt. Dit houdt het kussen verzorgd zonder de lage groeiwijze sterk te verstoren. Snoei niet diep in oude, kale delen wanneer daar geen jonge scheuten zichtbaar zijn. Controleer bij een openvallend plantkussen eerst of de bodem niet te nat is; extra snoei verhelpt een drainageprobleem niet.
Ja, op voorwaarde dat er voldoende grond beschikbaar is en regenwater snel kan wegtrekken. De lage, kussenvormige groei past goed tussen stapstenen, in voegen van een stapelmuur of aan de rand van een rotstuin. Kies een zonnige plaats en vermijd plekken waar water zich verzamelt. Geef na het planten water tot de wortels gevestigd zijn, maar houd de bodem niet voortdurend nat. De plant groeit geleidelijk uit tot een compact witbloeiend kussen.