- Tous les produits
- Sierplanten
- Bodembedekkers
- HEDERA HELIX 'HIBERNICA'
- Bodembedekkers
Ierse klimop (Hedera helix 'Hibernica') onderscheidt zich door zijn krachtige groei en relatief grote, donkergroene bladeren. De wintergroene ranken klimmen met hechtwortels tegen muren, boomstammen en andere ruwe oppervlakken. Langs draadwerk of een stevig scherm vormt de plant een dichte, groene afscheiding.
Zonder verticale steun spreiden de ranken zich over de bodem uit. Daardoor kan deze klimop ook worden gebruikt als wintergroene bodembedekker op grotere oppervlakken. Regelmatig snoeien is nodig om de begroeiing binnen de gewenste ruimte te houden en ramen, dakranden, houtwerk of aangrenzende planten vrij te houden.
De plant groeit in zon, halfschaduw en schaduw. Een normale, voldoende doorlatende bodem is geschikt; langdurig natte grond wordt minder goed verdragen. Op een zonnige of droge standplaats is voldoende bodemvocht vooral tijdens de eerste jaren belangrijk.
Alleen volwassen, niet regelmatig teruggesnoeide bloeischeuten vormen in het najaar groengele bloemen. Deze late bloei levert nectar en stuifmeel wanneer nog maar weinig andere planten bloeien. Daarna kunnen blauwzwarte bessen ontstaan, die door vogels worden gegeten. De bladeren en bessen zijn niet geschikt voor menselijke consumptie.
Op een ruwe muur heeft deze klimop doorgaans geen aparte klimhulp nodig. De ranken vormen hechtwortels waarmee ze zich aan het oppervlak vastzetten. Bij gladde schermen, metalen panelen of open toepassingen is draadwerk wel nodig om de jonge scheuten te leiden. Controleer vooraf de staat van het metselwerk. Op een gave muur veroorzaken de hechtwortels meestal geen structurele schade, maar ze kunnen bestaande voegen en barsten verder binnendringen. Houd de plant daarom weg van beschadigd metselwerk, dakgoten en houten gevelonderdelen.
Ja. Zonder verticale steun groeien de ranken over de grond en vormen ze geleidelijk een wintergroen bladerdek. Deze toepassing is vooral geschikt voor grotere vakken en beschaduwde plaatsen waar een krachtige bodembedekker gewenst is. Houd rekening met de sterke groei: de ranken kunnen aangrenzende vaste planten en lage struiken overgroeien. Snoei daarom regelmatig langs paden en plantvakken. Voor een gelijkmatige bedekking worden jonge scheuten bij de aanplant over het oppervlak verdeeld.
Klimop bloeit pas wanneer bepaalde scheuten de volwassen groeifase bereiken. Deze bloeischeuten groeien minder klimmend en dragen bladeren die minder sterk gelobd zijn. Een plant die regelmatig strak wordt gesnoeid, blijft hoofdzakelijk jonge ranken vormen en kan daardoor weinig of niet bloeien. Laat voor bloei enkele hoger gelegen scheuten ongestoord uitgroeien. De groengele bloemen verschijnen in het najaar en zijn belangrijk voor laat actieve insecten. Na bestuiving kunnen blauwzwarte bessen volgen.
Leid de jonge ranken eerst gelijkmatig door het draadwerk of tegen het scherm. Zodra de gewenste hoogte en dichtheid zijn bereikt, kan de begroeiing een- of meermaals per jaar worden teruggesnoeid. Knip uitstekende ranken weg en houd ramen, poorten, dakranden en aangrenzende beplanting vrij. Klimop verdraagt snoei goed, maar snoei bij voorkeur niet tijdens vorst of uitzonderlijk warm en droog weer. Controleer bij een draadafsluiting ook of de constructie het toenemende gewicht kan dragen.
Nee. De bladeren en bessen zijn niet geschikt voor menselijke consumptie en kunnen bij inname klachten veroorzaken. Draag bij gevoeligheid handschoenen tijdens het snoeien, omdat het plantensap bij sommige mensen huidirritatie kan geven. De bessen hebben wel ecologische betekenis: vogels eten ze wanneer ze rijp zijn. Plaats de plant met enige voorzichtigheid waar kleine kinderen of huisdieren gemakkelijk van bladeren of vruchten zouden kunnen eten.