- Tous les produits
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- EUPHORBIA MARTINII 'BABY CHARM'
- Vaste planten
Euphorbia × martini 'Baby Charm' groeit als een compact, dicht kussen van ongeveer 25 tot 30 cm hoog en circa 40 cm breed. Deze cultivar blijft duidelijk lager dan de gebruikelijke vormen van Martin-wolfsmelk. Het smalle, blauwgroene blad staat langs rood getinte stengels en blijft tijdens zachte winters grotendeels aanwezig.
In april en mei verschijnen geelgroene schutbladen rond de kleine, onopvallende bloemen. De rode nectarklieren in het centrum vormen een scherp contrast met de frisse voorjaarskleur. De compacte groei maakt 'Baby Charm' geschikt voor een zonnige border, rotstuin, verhoogd plantvak of pot.
Standplaats en bodem
Plant deze wolfsmelk in de zon of lichte halfschaduw. Een lichte, voedselarme tot matig voedselrijke en vooral goed doorlatende bodem is belangrijk. Eenmaal ingeworteld verdraagt de plant droge perioden, maar natte grond in de winter kan wortelproblemen veroorzaken en de winterhardheid verminderen. Op zware Belgische grond is een verhoogde standplaats of een ruime toevoeging van grof mineraal materiaal aangewezen.
Knip uitgebloeide of beschadigde stengels voorzichtig weg. Daarbij komt wit melksap vrij dat huid en ogen kan irriteren. Draag handschoenen en vermijd contact met het gezicht.
'Baby Charm' blijft ongeveer 25 tot 30 cm hoog en wordt doorgaans circa 40 cm breed. De plant vormt een laag, dicht en bossig kussen. Daardoor neemt hij aanzienlijk minder ruimte in dan veel andere vormen van Martin-wolfsmelk. Geef hem bij aanplant toch voldoende plaats, zodat de stengels zich vrij kunnen ontwikkelen en het blad na regen snel kan opdrogen.
Alleen wanneer overtollig water snel kan wegtrekken. Vooral winterse nattigheid wordt slecht verdragen en kan wortel- en stengelrot veroorzaken. Op zware klei is een verhoogd plantvak of een verbetering met grof mineraal materiaal aangewezen. Een droge, stenige of grindrijke bodem past beter dan een voortdurend vochtige standplaats. Zet de plant niet op een plek waar tijdens de winter water blijft staan.
Het blauwgroene blad blijft tijdens zachte winters grotendeels aanwezig. Na strenge vorst, koude wind of langdurige winterse nattigheid kunnen bladeren en stengeltoppen beschadigd raken. Verwijder afgestorven delen pas wanneer in het voorjaar duidelijk zichtbaar is waar nieuwe groei ontstaat. Een zonnige, beschutte en goed gedraineerde standplaats helpt om het winterbeeld zo intact mogelijk te houden.
Een vaste snoei is niet nodig. Uitgebloeide of beschadigde stengels kunnen worden verwijderd om de compacte vorm te behouden. Knip niet zonder onderscheid alle scheuten terug, omdat de plant zijn bloei op reeds ontwikkelde stengels vormt. Gebruik handschoenen en bij voorkeur oogbescherming: het witte melksap dat uit beschadigde delen komt, kan huid en ogen sterk irriteren.
Ja, de compacte groei maakt deze cultivar geschikt voor een pot of bloembak. Gebruik een pot met ruime afvoergaten en een luchtig, mineraal substraat. Laat geen water in een onderschaal staan, zeker niet tijdens de winter. Een potkluit koelt sneller af dan volle grond; zet de pot daarom bij aanhoudende strenge vorst beschut en voorkom dat het substraat volledig doorweekt raakt.