- Tous les produits
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- ECHINACEA PARADOXA (VAR PARADOXA)
- Vaste planten
Gele zonnehoed (Echinacea paradoxa var. paradoxa) onderscheidt zich binnen het geslacht door zijn gele bloemen. De smalle bloemblaadjes buigen naar beneden en laten de donkerbruine, kegelvormige bloembodem sterk uitkomen. De bloei valt in België doorgaans van juli tot september.
De plant vormt een opgaande pol met stevige bloemstengels en bereikt ongeveer 75 tot 100 cm hoogte. Door zijn natuurlijke groeiwijze past hij goed tussen andere zonminnende vaste planten en in prairieachtige beplantingen. De uitgebloeide kegels kunnen blijven staan voor structuur tijdens de winter.
Standplaats en bodem
Echinacea paradoxa var. paradoxa bloeit het best in de volle zon. Kies een normale tot humusrijke bodem die goed afwatert. Vooral tijdens natte Belgische winters is een doorlatende grond belangrijk, omdat langdurig natte bodem rond de wortels tot uitval kan leiden.
Een gevestigd exemplaar verdraagt tijdelijke droogte, maar jonge planten mogen tijdens langdurige droge periodes niet volledig uitdrogen. Knip de afgestorven stengels aan het einde van de winter terug, vlak voordat de nieuwe groei begint.
Deze botanische variëteit heeft gele bloemen, terwijl veel bekende zonnehoeden roze tot purper bloeien. De smalle bloemblaadjes hangen duidelijk naar beneden rond een hoge, donkerbruine kegel. Daardoor heeft de plant een luchtiger en natuurlijker bloembeeld dan cultivars met brede, horizontaal geplaatste bloemblaadjes.
Dat kan wanneer de kleigrond voldoende doorlatend is. Zware, verdichte klei waarin tijdens de winter water blijft staan, is minder geschikt. Verbeter zo nodig de bodemstructuur en plant niet op het laagste punt van de tuin. Een verhoogde plantplaats kan op natte grond helpen om overtollig water sneller af te voeren.
Een goed ingewortelde gele zonnehoed verdraagt tijdelijke droogte redelijk goed. Tijdens het eerste groeiseizoen is regelmatig water geven belangrijk om een stevig wortelgestel te ontwikkelen. Ook oudere planten kunnen bij langdurige droogte extra water nodig hebben. Een zonnige, doorlatende bodem is geschikter dan een permanent natte standplaats.
Dat hoeft niet. Door uitgebloeide bloemen weg te knippen, blijft de beplanting verzorgd en kan de bloeiperiode wat worden verlengd. Wie ook in de winter structuur wil behouden, kan de stevige bloemkegels laten staan. De afgestorven stengels worden dan pas aan het einde van de winter teruggeknipt.
Lichte halfschaduw wordt verdragen, maar de plant ontwikkelt zich het best in de volle zon. Bij te weinig licht kunnen de stengels slapper worden en blijft de bloei beperkter. Kies daarom bij voorkeur een open standplaats met meerdere uren rechtstreekse zon per dag en voldoende luchtcirculatie rond het blad.