- Tous les produits
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Siergrassen
- DESCHAMPSIA CESPITOSA 'TARDIFLORA'
- Siergrassen
Luchtige bloempluimen boven compacte pollen
Deschampsia cespitosa 'Tardiflora' is een polvormend siergras met smal, donkergroen blad. De fijne, geelachtige bloempluimen staan op slanke stengels boven het loof. Tijdens de bloei bereikt de plant doorgaans ongeveer 70 tot 90 cm.
De bloei loopt van de zomer tot in de vroege herfst. Door de losse structuur van de pluimen blijft deze ruwe smele visueel licht en combineert ze gemakkelijk met vaste planten. De bloeiwijzen kunnen ook als snij- of droogbloem worden gebruikt.
Standplaats en verzorging
'Tardiflora' groeit in zon tot halfschaduw en verkiest een frisse tot vochtige bodem. Langdurig droge grond is minder geschikt, vooral op een warme standplaats. De plant is goed winterhard in België, maar niet wintergroen.
Knip het afgestorven loof aan het einde van de winter of vroeg in het voorjaar terug. Zo krijgen de nieuwe bladeren voldoende licht en blijft de pol verzorgd. Jaarlijkse snoei tijdens de herfst is niet nodig.
De bloeistengels van Deschampsia cespitosa 'Tardiflora' worden doorgaans ongeveer 70 tot 90 cm hoog. Het eigenlijke blad blijft duidelijk lager en vormt een compacte pol. Daardoor neemt de plant op grondniveau minder visuele ruimte in dan de totale bloeihoogte doet vermoeden. De uiteindelijke hoogte hangt ook af van de bodem, de vochtvoorziening en de hoeveelheid licht.
'Tardiflora' is geen uitgesproken siergras voor droge grond. De plant ontwikkelt zich het best in een frisse tot vochtige bodem die tijdens de zomer niet langdurig uitdroogt. Op lichte zandgrond is voldoende humus en extra water tijdens droge perioden aangewezen. Een permanent drassige bodem is niet nodig, maar een gelijkmatige vochtvoorziening bevordert een gezonde bladgroei en een goede ontwikkeling van de bloempluimen.
Ja. Deze ruwe smele groeit en bloeit zowel in de zon als in halfschaduw. Op een zonnige plaats is een voldoende vochtige bodem belangrijk, omdat de grond daar sneller uitdroogt. Halfschaduw is vooral geschikt wanneer de bodem van nature fris blijft. In diepe schaduw kan de groei losser worden en is de bloei doorgaans minder uitgesproken.
Knip het oude loof aan het einde van de winter of vroeg in het voorjaar terug, voordat de nieuwe groei goed op gang komt. Snoei de pol tot enkele centimeters boven de grond zonder de jonge scheuten te beschadigen. Terugsnoeien in de herfst is niet noodzakelijk. Het afgestorven blad beschermt het hart van de plant tijdens de winter en kan tot het voorjaar blijven staan.
Ja. De fijne, vertakte bloempluimen kunnen in verse boeketten en droogboeketten worden verwerkt. Voor drooggebruik worden ze het best afgesneden wanneer de pluimen volledig ontwikkeld maar nog stevig zijn. Hang de stengels vervolgens op een droge, luchtige en donkere plaats. Zo behouden ze hun vorm beter en verkleuren ze minder snel.