- Tous les produits
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- CORNUS MAS 'AUREA'
- Bladverliezend
Goudgeel blad en vroege bloei
Gele kornoelje (Cornus mas) 'Aurea' onderscheidt zich door zijn goudgele blad, dat ook tijdens de zomer duidelijk geel blijft. In de herfst verkleurt het blad naar geel en oranjerood. De cultivar groeit langzaam uit tot een dicht vertakte, afgeronde struik of kleine meerstammige boom van ongeveer 5 tot 6 meter hoog en ongeveer even breed.
De lichtgele bloemen verschijnen in februari en maart, ruim voordat het blad uitloopt. Ze staan bijeen in kleine, ronde schermen. In de vroege herfst ontwikkelen zich glanzend rode, ovale steenvruchten. Deze zijn eetbaar, maar hebben een uitgesproken zure smaak. Volledig rijpe vruchten kunnen worden verwerkt tot marmelade, sap of vruchtenwijn.
Standplaats en bodem
'Aurea' groeit in de zon tot halfschaduw. Een goed doorlatende bodem is belangrijk, want langdurig natte grond is minder geschikt. De cultivar heeft een voorkeur voor kalkhoudende grond en verdraagt na een goede inworteling ook drogere perioden.
Het wortelgestel is dicht vertakt en blijft relatief oppervlakkig. Vermijd daarom diepe grondbewerking rond de plant. Een organische mulchlaag helpt om het bodemvocht gelijkmatiger te houden, vooral tijdens de eerste jaren na aanplant.
Snoei is doorgaans niet nodig. Door zijn uiteindelijke breedte vraagt deze cultivar voldoende ruimte, ook al verloopt de groei langzaam. Hij komt het best tot zijn recht als solitaire struik of als kleine meerstammige boom.
Ja. Het goudgele blad is het belangrijkste onderscheidende kenmerk van 'Aurea' en blijft ook tijdens de zomer duidelijk geel. In de herfst verandert de kleur naar geel en oranjerood. De precieze tint kan variëren met de standplaats, bodem en weersomstandigheden. De bladkleur maakt deze cultivar vooral interessant als contrast naast planten met donkergroen, rood of paars blad.
Ja. In de vroege herfst vormt 'Aurea' glanzend rode, ovale steenvruchten. Ze zijn eetbaar, maar smaken vrij zuur en zijn daardoor minder geschikt om onrijp rechtstreeks te eten. Laat de vruchten goed rijpen wanneer ze voor consumptie bestemd zijn. Ze kunnen worden verwerkt tot marmelade, sap of vruchtenwijn. Vogels eten de rijpe vruchten eveneens.
Dat kan alleen wanneer er voldoende breedte beschikbaar is. Hoewel 'Aurea' langzaam groeit, kan een volwassen exemplaar ongeveer 5 tot 6 meter hoog en vrijwel even breed worden. De cultivar blijft dus niet vanzelf compact. In een kleine tuin is een vrije standplaats aangewezen waar de afgeronde kroon zich kan ontwikkelen zonder voortdurend te moeten worden teruggesnoeid.
'Aurea' groeit het best in een goed doorlatende bodem en heeft een voorkeur voor kalkhoudende grond. Langdurig natte of slecht gedraineerde grond wordt beter vermeden. Een gevestigd exemplaar verdraagt tijdelijke droogte, maar jonge planten hebben tijdens droge perioden nog regelmatig water nodig. Omdat de wortels relatief oppervlakkig groeien, is diep spitten of schoffelen dicht bij de plant af te raden.
Nee. De cultivar vormt van nature een dichte, afgeronde struik of kleine meerstammige boom en vraagt weinig vormsnoei. Verwijder vooral beschadigde, kruisende of ongewenste takken. Houd er rekening mee dat sterke snoei de bloei en vruchtvorming kan beperken. Kies daarom bij de aanplant meteen een plaats met voldoende ruimte voor een volwassen breedte van ongeveer 5 tot 6 meter.