- Tous les produits
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- CHRYSANTHEMUM INDICUM 'DERNIER SOLEIL'
- Vaste planten
Tuinchrysant Chrysanthemum indicum 'Dernier Soleil' onderscheidt zich door zijn enkele, warmgekleurde bloemen. Geel en oranjegeel worden gecombineerd met koperoranje tot zalmkleurige tinten, waardoor de bloemkleur niet egaal oogt. De bloei valt hoofdzakelijk van september tot november.
Deze cultivar vormt een bossige, kruidachtige plant van ongeveer 60 cm hoog. Het groene blad sterft in de winter bovengronds af. Door de stengels in het voorjaar tijdig te toppen, vertakt de plant sterker en blijft de groei compacter. Stop hiermee ruim voor de knopvorming, anders kan de bloei vertragen.
'Dernier Soleil' groeit in de zon of lichte halfschaduw. Een zonnige standplaats ondersteunt een compacte groei en een rijke bloei. Kies een vruchtbare, voldoende vochthoudende maar goed doorlatende bodem. Langdurig natte, zware grond is minder geschikt, vooral tijdens de winter. Laat de grond tijdens het groeiseizoen niet volledig uitdrogen.
De late bloei maakt deze tuinchrysant vooral geschikt voor borders en groepen waarin najaarskleur gewenst is. Ook teelt in een ruime pot is mogelijk, op voorwaarde dat overtollig water vlot kan weglopen.
De bloemen combineren verschillende warme tinten. Geel en oranjegeel overheersen, terwijl de buitenzijde van de bloemblaadjes koperoranje tot zalmkleurig kan zijn. Daardoor verandert de kleurindruk naargelang het ontwikkelingsstadium van de bloem en de lichtinval. Het gaat om enkele bloemen met een zichtbaar geel tot oranjegeel hart, niet om volledig gevulde chrysanten.
In Belgische omstandigheden valt de hoofdbloei doorgaans van september tot november. Zacht najaarsweer kan de bloei verlengen, terwijl vroege vorst de laatste bloemen sneller beëindigt. De precieze start en duur hangen ook af van de standplaats, de verzorging en het tijdstip waarop de stengels voor het laatst werden getopt.
Ja, lichte halfschaduw wordt verdragen, maar een zonnige standplaats heeft de voorkeur. Met voldoende licht blijft de plant doorgaans compacter en worden meer bloemknoppen gevormd. Vermijd vooral een donkere plaats of concurrentie van sterk groeiende planten. De bodem moet tegelijk voldoende vochthoudend blijven, zonder langdurig nat te worden.
Top de jonge stengels in het voorjaar om de vertakking te stimuleren. Hierdoor ontstaat een bossigere plant met meer, maar doorgaans iets kleinere bloemen. Stop tijdig met toppen zodat de nieuwe scheuten voldoende gelegenheid krijgen om bloemknoppen te vormen. Op een te schaduwrijke of sterk bemeste standplaats kunnen de stengels langer en slapper uitgroeien.
Ja, deze cultivar kan in een ruime pot met afvoergaten worden gekweekt. Gebruik een voedzaam maar luchtig substraat en laat geen water in een onderschaal staan. Potplanten drogen sneller uit dan exemplaren in volle grond en vragen daarom regelmatige watergift tijdens groei en bloei. Bescherm de wortelkluit in de winter tegen langdurige nattigheid en herhaald diep doorvriezen.