- Tous les produits
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- CHAENOMELES SPECIOSA 'TOYO-NISHIKI'
- Bladverliezend
Chaenomeles speciosa 'Toyo-Nishiki' onderscheidt zich door zijn meerkleurige voorjaarsbloei. In april verschijnen witte, roze en rode bloemen op dezelfde struik, vaak voordat het blad volledig is uitgelopen. Soms komen verschillende tinten samen in één bloem voor. De doornige takken vormen een dichte, breed opgaande struik.
Na de bloei kunnen harde, geelgroene kweeachtige vruchten ontstaan. Ze zijn bitter en weinig geschikt om rauw te eten, maar kunnen na bereiding verwerkt worden tot gelei of confituur.
Deze sierkwee bloeit het rijkst in de volle zon, maar verdraagt ook halfschaduw. Een goed doorlatende, matig vochtige bodem heeft de voorkeur. Klei wordt verdragen wanneer overtollig water voldoende kan wegzakken. Op sterk kalkrijke grond kan het blad geel verkleuren door chlorose. Eenmaal goed ingeworteld verdraagt de struik tijdelijke droge perioden.
De bloemen worden gevormd op ouder hout. Snoei daarom alleen wanneer dit nodig is en bij voorkeur onmiddellijk na de bloei. Sterke of jaarlijkse vormsnoei vermindert de bloei en kan ook de vruchtzetting beperken. Door zijn dichte, doornige vertakking is 'Toyo-Nishiki' bruikbaar als solitaire struik of als vrij groeiende, bladverliezende haag.
Ja. Het kenmerkende van 'Toyo-Nishiki' is dat witte, roze en rode bloemen op dezelfde struik en zelfs aan dezelfde tak kunnen voorkomen. Sommige bloemen vertonen bovendien meerdere tinten binnen één bloem. Daardoor wijkt deze cultivar duidelijk af van sierkwees met één vaste bloemkleur. De bloemen verschijnen hoofdzakelijk in april, vaak voordat het blad volledig ontwikkeld is. Een zonnige standplaats bevordert doorgaans de rijkste bloei.
De geelgroene vruchten zijn eetbaar na verwerking. Vers van de struik zijn ze hard, wrang en bitter, waardoor ze niet geschikt zijn als handfruit. Door ze te koken met suiker kunnen ze verwerkt worden tot gelei, confituur of een andere bereiding. Wie vruchten wil oogsten, snoeit best niet sterk na de bloei: daarmee worden ook jonge vruchten verwijderd en neemt de opbrengst in hetzelfde jaar af.
Ja, vooral als vrij groeiende, bladverliezende haag. De struik vertakt dicht en draagt doornen, waardoor hij ook als afschermende of moeilijk doorgankelijke haag kan dienen. Voor een rijke bloei is een strak geschoren haag minder geschikt. De bloemen ontstaan op ouder hout en veelvuldige vormsnoei verwijdert een deel van de bloemknoppen. Snoei daarom beperkt en pas na de bloei.
Snoei deze sierkwee bij voorkeur onmiddellijk na de bloei in het voorjaar. De bloemen worden op ouder hout gevormd, waardoor snoei in de winter of vlak voor de bloei veel bloemknoppen kan verwijderen. Beperk de ingreep tot het corrigeren van de vorm en het wegnemen van storende takken. Houd er rekening mee dat snoei na de bloei de vruchtzetting van dat jaar kan verminderen.
Een goed doorlatende, matig vochtige bodem is het meest geschikt. De struik groeit op verschillende grondsoorten en verdraagt ook klei, zolang water niet langdurig rond de wortels blijft staan. Op sterk kalkrijke grond kan chlorose ontstaan, herkenbaar aan geel blad. Na een goede inworteling worden tijdelijke droge perioden verdragen, maar jonge planten hebben tijdens langdurige droogte nog extra water nodig.