- Tous les produits
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- CALTHA PALUSTRIS
- Vaste planten
Gewone dotterbloem (Caltha palustris) bloeit in april en mei met heldergele bloemen boven glanzend groen, hartvormig tot rond blad. Met een hoogte van ongeveer 20 tot 50 cm blijft de plant laag en vormt hij pollen die goed tot hun recht komen langs een natuurlijke vijverrand.
Deze inheemse vaste plant vraagt een blijvend vochtige tot natte bodem. Hij groeit op de overgang tussen land en water, in een moeraszone of in een drassige border. Tijdelijk ondiep water wordt verdragen, maar voor dieper vijverwater is de soort niet geschikt. Een zonnige tot halfschaduwrijke standplaats geeft doorgaans de beste bloei.
Het blad sterft in de winter af en loopt in het voorjaar opnieuw uit. Oude bladeren kunnen voor de nieuwe groei worden verwijderd. Op gewone tuingrond die tijdens de zomer uitdroogt, ontwikkelt de dotterbloem zich minder goed.
Dat kan alleen wanneer de bodem het hele groeiseizoen vochtig tot nat blijft. Gewone dotterbloem verdraagt geen bordergrond die tijdens droge zomerperioden volledig uitdroogt. Een lage plek waar regenwater samenkomt, een wadi met langdurig vochtige grond of een drassige oever is geschikter. Op lichtere grond is een standplaats aan de vijverrand doorgaans betrouwbaarder dan een gewone border. Voldoende vocht is belangrijker dan de grondsoort.
Plant gewone dotterbloem in de ondiepe oever- of moeraszone, bij voorkeur rond de waterspiegel. De wortels mogen nat staan en tijdelijke ondiepe overstroming wordt verdragen, maar de plant hoort niet thuis in diep water. In een vijvermand kan hij aan de rand worden geplaatst, waar het groeipunt niet langdurig diep onder water verdwijnt. Ook een verzadigde bodem direct naast de vijver is geschikt.
Nee. Het blad van Caltha palustris sterft in de winter af en de plant overwintert ondergronds. In het voorjaar verschijnen opnieuw bladeren en bloemstengels. Verwijder afgestorven blad bij voorkeur pas tegen het einde van de winter of bij het begin van de nieuwe groei. De soort is goed winterhard in België, zolang hij op een passende vochtige standplaats groeit.
Ja. Gewone dotterbloem groeit in zon en halfschaduw. Op een zonnige plaats is een voortdurend natte bodem noodzakelijk, omdat de grond er sneller uitdroogt. Lichte halfschaduw is daarom vaak geschikt langs kleinere vijvers of op plaatsen waar de bodem in de zomer minder constant vochtig blijft. In diepe schaduw wordt de bloei doorgaans minder rijk.
Ja. Als moeras- en oeverplant verdraagt Caltha palustris tijdelijke hoge waterstanden en ondiepe overstroming. Dat maakt de soort bruikbaar langs natuurlijke vijvers, beekranden en andere natte zones met een wisselend waterpeil. Langdurige plaatsing in dieper water is minder geschikt. De plant groeit het best wanneer de wortelzone nat blijft, terwijl het blad en het groeipunt zich hoofdzakelijk boven het water bevinden.