- Tous les produits
- Sierplanten
- Bomen
- Loofbomen
- ACER CAMPESTRE
- Loofbomen
Spaanse aak als boom en haagplant
De Spaanse aak (Acer campestre) groeit uit tot een middelgrote boom met een dichte, breed ovale en enigszins onregelmatige kroon. Volwassen bomen bereiken doorgaans ongeveer 10 tot 15 meter, afhankelijk van bodem en groeiplaats. Op de oudere takken ontstaan vaak opvallende kurklijsten, die ook na de bladval zichtbaar blijven.
Het donkergroene, gelobde blad krijgt in de herfst een gele verkleuring en kan vrij lang aan de takken blijven. In mei verschijnen kleine geelgroene bloemen. Ze vallen visueel weinig op, maar leveren nectar en stuifmeel aan bijen en andere insecten. Daarna worden de kenmerkende, paarsgewijs gevormde vleugelvruchten ontwikkeld.
Standplaats en toepassing
Acer campestre groeit goed in de zon en halfschaduw. De soort past zich aan verschillende grondsoorten aan, waaronder kalkhoudende bodems, zolang de grond niet langdurig nat of extreem arm en droog is. Dankzij de goede windbestendigheid is de Spaanse aak ook bruikbaar op open standplaatsen en in stedelijk groen.
De soort verdraagt herhaalde snoei en vertakt gemakkelijk. Daardoor kan hij behalve als solitaire boom ook als dichte, bladverliezende haag worden gekweekt. Bij een boomvorm is voldoende ruimte nodig voor de brede kroon. Snoei zware takken bij voorkeur niet in het late winter- of vroege voorjaarsseizoen, omdat de sapstroom dan al op gang kan komen.
Ja. Acer campestre verdraagt herhaalde snoei goed en vormt door zijn fijne vertakking een dichte, bladverliezende haag. De soort is vooral geschikt voor informele en landschappelijke hagen, maar kan ook strakker worden gesnoeid. Het blad verkleurt geel in de herfst en blijft soms nog enige tijd verdroogd aan de twijgen hangen. Voor een gesloten haag is jaarlijks snoeien nodig. Vermijd zware snoei in de late winter en het vroege voorjaar, wanneer de sapstroom al op gang kan komen.
Een vrij uitgroeiende Spaanse aak wordt doorgaans ongeveer 10 tot 15 meter hoog en ontwikkelt een brede, dichte kroon. De uiteindelijke afmetingen hangen af van bodem, beschikbare wortelruimte en snoei. Op een ruime, voedselrijke groeiplaats wordt de boom groter dan op een beperkte of arme standplaats. Door de onregelmatige vertakking is de kroon niet altijd symmetrisch. Voor kleine tuinen is een haagvorm of een compacter blijvende cultivar meestal beter beheersbaar dan de gewone soort.
De Spaanse aak kan tijdelijke droogte verdragen zodra hij goed is ingeworteld, maar extreem droge en voedselarme zandgrond is minder geschikt. Op zulke bodems blijft de groei beperkter en kan tijdens langdurige zomerdroogte bladschade ontstaan. Een standplaats met een doorlatende maar voldoende vochthoudende bodem geeft een gelijkmatigere groei. Meng bij aanplant geen grote hoeveelheid rijke potgrond in het plantgat, maar verbeter arme grond geleidelijk met organisch materiaal en geef tijdens de eerste groeijaren water bij aanhoudende droogte.
Ja. Acer campestre is goed bestand tegen wind en kan daarom op vrij open standplaatsen worden gebruikt. Die tolerantie maakt de soort geschikt voor landschappelijke beplantingen, windsingels, hagen en stedelijk groen. Een pas aangeplante boom moet wel stevig worden verankerd totdat voldoende nieuwe wortels zijn gevormd. Windbestendigheid betekent bovendien niet dat de bodem mag uitdrogen: vooral tijdens de eerste jaren blijft water geven nodig bij langdurig droog en winderig weer.
Lichte vormsnoei aan een haag kan tijdens het groeiseizoen worden uitgevoerd. Voor het verwijderen van dikkere takken zijn de late zomer of vroege herfst doorgaans geschikter dan de late winter en het vroege voorjaar. Zoals andere esdoorns kan Acer campestre bij snoei tijdens de opkomende sapstroom sterk bloeden. Dit is meestal niet fataal, maar wordt beter vermeden. Verwijder per snoeibeurt geen overmatige hoeveelheid kroon en werk met zuiver, scherp gereedschap om grote of rafelige snoeiwonden te voorkomen.