Zure kriek voor verwerking
De noordkriek (Prunus cerasus 'Noordkriek') draagt donkerrode tot roodzwarte vruchten met rood, zeer sappig vruchtvlees. De uitgesproken zure smaak komt vooral tot zijn recht in confituur, gebak, sap en warme bereidingen. De vruchten rijpen in de zomer en worden geplukt zodra ze volledig gekleurd zijn.
'Noordkriek' is zelfbestuivend en kan dus ook zonder tweede kriekenboom vruchten vormen. De witte voorjaarsbloesem verschijnt relatief laat. De boom groeit middelmatig sterk en ontwikkelt een opgaande kroon waarvan de takken later kunnen overhangen.
Standplaats en verzorging
Deze hoogstam heeft een kale stam van 2,20 m tot aan de kroon. Hij vraagt daardoor meer ruimte dan een laagstam of halfstam en past vooral in een grotere tuin of boomgaard. Plant hem op een zonnige plaats in een normale, goed doorlatende bodem. Vermijd grond waarin langdurig water blijft staan.
Snoei bij voorkeur beperkt en tijdens droog zomerweer, na de oogst. Verwijder vooral kruisende, beschadigde of te dicht geplaatste takken zodat licht en lucht in de kroon komen. 'Noordkriek' kan gevoelig zijn voor monilia, een schimmel die bloesemsterfte en vruchtrot veroorzaakt. Een open kroon en het verwijderen van aangetaste twijgen en verdroogde vruchten helpen de infectiedruk te beperken.