- Alle producten
- Sierplanten
- Andere sierplanten
- Waterplanten
- TYPHA ANGUSTIFOLIA
- Waterplanten
Kleine lisdodde met smal blad
Kleine lisdodde (Typha angustifolia) onderscheidt zich van de grote lisdodde door het smallere, grijsgroene blad en de fijnere groeiwijze. In de zomer verschijnen de herkenbare bruine bloeiaren. Tussen het onderste vrouwelijke deel en het hoger geplaatste mannelijke deel van de aar is doorgaans een duidelijke tussenruimte zichtbaar.
De plant groeit rechtop vanuit stevige wortelstokken en bereikt gewoonlijk een hoogte van ongeveer 1 tot 2 meter. Het blad en de bloeistengels sterven in de winter grotendeels af. De droge aren kunnen tijdelijk behouden blijven voor het winterbeeld.
Standplaats en gebruik
Typha angustifolia groeit in volle zon tot halfschaduw, op een permanent natte bodem of in ondiep water. Een voedselrijke, modderige bodem ondersteunt een krachtige ontwikkeling. De soort past vooral aan de rand van grotere vijvers, in moeraszones en langs natuurlijke oevers.
De wortelstokken breiden zich geleidelijk uit. In een kleine vijver is een ruime vijvermand of andere wortelbegrenzer aangewezen. Bij een folievijver moet worden voorkomen dat krachtige wortelstokken rechtstreeks tegen de folie groeien.
Knip afgestorven bladeren en stengels aan het einde van de winter terug, voordat de nieuwe groei begint. Extra bemesting is in een voedselrijke vijver- of moerasbodem doorgaans niet nodig.
Typha angustifolia heeft duidelijk smaller blad en maakt daardoor een fijnere, minder grove indruk dan Typha latifolia. Ook de bloeiaren helpen bij de herkenning. Bij de kleine lisdodde bevindt zich doorgaans een zichtbare tussenruimte tussen het onderste vrouwelijke deel en het hoger geplaatste mannelijke deel. Bij de grote lisdodde sluiten beide delen meestal op elkaar aan. Beide soorten groeien vanuit wortelstokken en vragen voldoende ruimte, maar Typha angustifolia wordt vooral gekozen voor zijn smallere bladstructuur.
Kleine lisdodde groeit op een drassige oever en in ondiep water. Een plantdiepte van ongeveer 0 tot 40 cm onder het wateroppervlak is doorgaans geschikt, afhankelijk van de grootte en ontwikkeling van de plant. Zet een jong exemplaar aanvankelijk niet onnodig diep, zodat het blad gemakkelijk boven water blijft. De bodem moet permanent nat en voldoende stevig zijn. In een vijvermand kan zwaar vijversubstraat worden gebruikt om te voorkomen dat de plant loskomt of gaat drijven.
Ja. Typha angustifolia vormt ondergrondse wortelstokken en kan op een geschikte, voedselrijke standplaats geleidelijk een brede groep vormen. Dat is bruikbaar langs natuurlijke oevers, maar vraagt opvolging in een kleinere tuinvijver. Plant de kleine lisdodde daar bij voorkeur in een ruime, stevige vijvermand of achter een degelijke wortelbegrenzer. Controleer regelmatig of wortelstokken buiten de begrenzing groeien. Zonder voldoende ruimte kan de plant andere, minder krachtige oeverplanten verdringen.
Voor een kleine folievijver is Typha angustifolia slechts beperkt geschikt. De plant wordt vrij hoog en breidt zich uit met stevige wortelstokken. Daardoor kan hij snel te veel ruimte innemen en is rechtstreeks contact tussen de wortelstokken en de vijverfolie beter te vermijden. Gebruik een sterke, ruime vijvermand en controleer de groei regelmatig. Voor zeer kleine vijvers is een compacter blijvende waterplant doorgaans praktischer. In grotere vijvers en natuurlijke moeraszones komt de soort beter tot zijn recht.
Knip het afgestorven blad en de oude bloeistengels bij voorkeur aan het einde van de winter terug, voordat de nieuwe scheuten verschijnen. De droge aren kunnen gedurende de winter blijven staan wanneer hun silhouet gewenst is. Werk voorzichtig wanneer de plant in een folievijver staat en verwijder afgeknipte delen uit het water. Zo wordt voorkomen dat veel organisch materiaal in de vijver verteert. Terugsnoeien beperkt de uitbreiding via wortelstokken niet; daarvoor is afzonderlijke groeibegrenzing nodig.