- Alle producten
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- TAMARIX TETRANDRA
- Bladverliezend
Tamarisk (Tamarix tetrandra) vormt een brede, luchtig vertakte struik met fijne twijgen en kleine, schubvormige bladeren. In april en mei verschijnen lichtroze bloemtrossen op de overjarige takken. De combinatie van de losse groei en het fijne, blauwgroene blad geeft de struik ook na de bloei een herkenbaar karakter.
Deze bladverliezende soort groeit bij voorkeur in de volle zon. Een goed doorlatende zand- of zandleembodem is het meest geschikt. Eenmaal ingeworteld verdraagt de plant droge perioden, wind en zouthoudende zeelucht behoorlijk goed. Daardoor kan hij ook in kusttuinen worden toegepast. Langdurig natte of slecht doorlatende grond verhoogt daarentegen de kans op wortelproblemen.
Tamarix tetrandra ontwikkelt zich tot een forse struik of kleine boom en heeft voldoende ruimte nodig om zijn losse vorm te behouden. Snoei gebeurt bij voorkeur kort na de voorjaarsbloei. Zo kan de plant tijdens de zomer nieuwe twijgen vormen waarop hij het volgende voorjaar opnieuw bloeit.
Ja. Tamarix tetrandra verdraagt wind en zouthoudende zeelucht beter dan veel andere sierstruiken. Een zonnige standplaats en een goed doorlatende bodem blijven belangrijk. Op open kustlocaties kan de struik door aanhoudende wind wat asymmetrisch groeien, maar zijn soepele twijgen zijn hier doorgaans goed tegen bestand. Geef jonge planten tijdens droge perioden water totdat ze voldoende zijn ingeworteld.
Snoei Tamarix tetrandra bij voorkeur onmiddellijk na de bloei, doorgaans in mei of juni. Deze soort bloeit in het voorjaar op twijgen die tijdens het voorgaande groeiseizoen zijn gevormd. Een sterke wintersnoei verwijdert daarom een groot deel van de bloemknoppen. Na de bloei kunnen oude, beschadigde of verkeerd geplaatste takken worden weggehaald. Regelmatig uitdunnen houdt de struik luchtig zonder zijn natuurlijke vorm te verstoren.
Ja. Een zonnige plaats met droge, goed doorlatende zandgrond past goed bij deze tamarisk. Tijdens het eerste groeiseizoen moet de wortelkluit echter voldoende vochtig blijven, vooral bij warm en winderig weer. Zodra de struik goed is ingeworteld, verdraagt hij tijdelijke droogte beter. Een dikke, voedselrijke of voortdurend vochtige bodem is minder geschikt dan een luchtige grond waar overtollig water snel kan wegzakken.
Een beperkte bloei kan het gevolg zijn van te weinig zon of snoei op het verkeerde tijdstip. Tamarix tetrandra vormt zijn voorjaarsbloemen op overjarige twijgen. Wie de struik in de winter of het vroege voorjaar sterk terugsnoeit, verwijdert dus veel bloemknoppen. Snoei daarom kort na de bloei. Ook langdurig natte grond kan de groei verzwakken en daardoor de bloei verminderen.
Tamarix tetrandra kan uitgroeien tot een brede struik of kleine boom van meerdere meters hoog en bijna even breed. Voorzie daarom voldoende afstand tot gevels, paden en kleinere buurplanten. In een beperkte ruimte kan de struik na de bloei worden uitgedund, maar herhaaldelijk strak terugsnoeien gaat ten koste van zijn losse groeiwijze. Voor kleine tuinen is hij vooral geschikt wanneer er ruimte is voor een forse solitaire struik.