- Alle producten
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- SCROPHULARIA AURICULATA 'VARIEGATA'
- Vaste planten
Scrophularia auriculata 'Variegata' onderscheidt zich door het ovale, ruw aanvoelende blad met onregelmatige roomwitte tekening. De plant vormt een bossige pol van stevige stengels en bereikt doorgaans ongeveer 50 tot 80 cm hoogte.
Van juni tot augustus verschijnen kleine geelgroene bloemen met roodbruine accenten in losse, eindstandige pluimen. De bloei is eerder bescheiden; het bonte blad bepaalt het grootste deel van de sierwaarde.
Standplaats en bodem
Deze cultivar vraagt een zonnige tot halfschaduwrijke plaats met vochtige, voedselrijke grond. Volle zon is alleen geschikt wanneer de bodem tijdens de zomer voldoende vochtig blijft. In diepe schaduw worden de stengels slapper en komt de bladtekening minder duidelijk tot haar recht.
Geoord helmkruid past in een vochtige border en langs een vijver of waterloop. Het is een oeverplant voor natte tot vochtige grond, geen plant die permanent diep onder water hoort te staan. Verwijder afgestorven stengels aan het einde van de winter.
Ja, op voorwaarde dat de grond voldoende vochtig blijft. Deze cultivar groeit het best in voedselrijke leem- of kleigrond die niet langdurig uitdroogt. Een droge, schrale border is minder geschikt. Meng op lichtere grond organisch materiaal door de bodem en geef tijdens droge zomerperioden tijdig water. Een plaats waar regenwater van nature langer beschikbaar blijft, sluit goed aan bij de vochtbehoefte van de plant.
Plant Scrophularia auriculata 'Variegata' bij voorkeur in de vochtige oeverzone en niet permanent diep onder water. De wortels verdragen natte omstandigheden, maar de plant ontwikkelt zich het best in grond die vochtig tot nat blijft en toch enige structuur behoudt. Langs een natuurlijke vijver, beekrand of wadi staat hij daarom beter dan in een mand die volledig onder het wateroppervlak wordt geplaatst.
Volle zon is mogelijk wanneer de bodem voortdurend voldoende vochtig blijft. Op een zonnige plaats met droge zandgrond kan het blad tijdens warme perioden snel verslappen of beschadigd raken. Halfschaduw is doorgaans veiliger wanneer de vochtvoorziening minder constant is. Diepe schaduw is eveneens minder geschikt, omdat de stengels dan langer en slapper kunnen worden en de roomwitte bladtekening minder duidelijk uitkomt.
In Belgische omstandigheden is deze vaste plant doorgaans bladverliezend. Het bovengrondse deel sterft in de winter grotendeels af, waarna nieuwe scheuten vanuit de basis verschijnen. Bij uitzonderlijk zacht weer kan een deel van het blad langer aanwezig blijven, maar daarop hoeft bij de winterbeplanting niet gerekend te worden. Verwijder de afgestorven stengels tegen het einde van de winter, vóór de nieuwe groei begint.
De bloemen zijn klein en eerder ingetogen. Ze verschijnen doorgaans van juni tot augustus in losse pluimen en zijn geelgroen met roodbruine accenten. De cultivar wordt daarom vooral gekozen om zijn ruwe, roomwit getekende blad en niet om een uitbundige bloei. De fijne bloempluimen geven de plant wel een natuurlijk karakter dat goed aansluit bij vochtige borders en informele oeverbeplantingen.