Donkerblauwe pruim voor verse consumptie en verwerking
Prunus domestica 'Stanley' draagt langwerpige pruimen met een donkerblauwe tot blauwviolette schil. Het geelgroene vruchtvlees is stevig en zoet wanneer de vruchten volledig rijp zijn. De steen komt bij rijpe vruchten doorgaans goed los. De pruimen zijn geschikt om vers te eten, maar ook voor gebak, confituur, compote en drogen.
In België valt de pluk doorgaans aan het einde van de zomer. Het juiste tijdstip hangt af van de standplaats en het weer. Voor verse consumptie mogen de vruchten volledig aan de boom rijpen; voor verwerking kunnen ze iets steviger worden geplukt.
Bestuiving en groei
'Stanley' wordt doorgaans als zelfbestuivend geteeld en kan dus zonder tweede pruimenras vruchten vormen. Gelijktijdige bloei van een andere geschikte pruimenboom kan de vruchtzetting wel ondersteunen. De witte bloesem verschijnt meestal in april.
Deze halfstam heeft een kale stam van 1,20 tot 1,30 meter, met daarboven de kroon. Daardoor blijven onderhoud en pluk beter bereikbaar dan bij een hoogstam. De uiteindelijke omvang wordt mede bepaald door de gebruikte onderstam, de bodem en de snoei.
Standplaats en onderhoud
Plant deze pruimenboom bij voorkeur in de zon, op een voedzame en goed doorlatende bodem. Langdurig natte grond verhoogt de kans op wortelproblemen. Een beschutte plek helpt de bloesem beschermen tegen koude wind en late nachtvorst.
Snoei pruimenbomen beperkt en bij voorkeur na de oogst, tijdens droog weer. Verwijder vooral beschadigde, kruisende of naar binnen groeiende takken. Sterke wintersnoei is minder aangewezen omdat snoeiwonden in koude en vochtige omstandigheden trager sluiten.