Vroege, zoete pruimen
Prunus domestica 'Opal' draagt kleine tot middelgrote, eivormige pruimen die roodblauw tot paarsrood kleuren. Het geelgroene vruchtvlees is sappig, zoet en aromatisch. De vruchten zijn vooral geschikt als handpruim, maar kunnen ook tot moes en andere bereidingen worden verwerkt.
In België valt de pluk doorgaans tussen eind juli en begin augustus. Volledig rijpe vruchten zijn het smakelijkst, maar bewaren slechts kort. Regelmatig plukken voorkomt dat rijpe pruimen te lang aan de boom blijven hangen.
Zelfbestuivend en productief
'Opal' is zelfbestuivend en kan dus zonder tweede pruimenras vruchten vormen. Een andere, gelijktijdig bloeiende pruimenboom in de omgeving kan de vruchtzetting verder verbeteren. De witte, licht geurende bloesem verschijnt doorgaans in april.
Dit ras kan rijk dragen. Bij een zware vruchtzetting is tijdig dunnen nuttig: de overblijvende pruimen groeien dan beter uit en de belasting van de gesteltakken blijft beperkt.
Jaarse snoervorm
Deze jonge boom is als snoer opgekweekt en neemt daardoor weinig breedte in. Hij heeft een blijvende steun nodig, bijvoorbeeld langs draden of tegen een stevig latwerk. De smalle vorm blijft alleen behouden door de hoofdtak aan te binden en zijscheuten regelmatig terug te snoeien.
Plant 'Opal' bij voorkeur op een zonnige plaats in voedzame, goed doorlatende grond. Langdurig natte bodem wordt slecht verdragen. Snoei een pruimenboom bij voorkeur tijdens droog weer in de zomer of kort na de oogst; zware wintersnoei wordt beter vermeden.