Japanse rotsheide (Pieris japonica 'Mountain Fire') onderscheidt zich door zijn intens rode jonge bladeren. Tijdens het uitrijpen verkleurt het blad geleidelijk via koper- en bronstinten naar glanzend donkergroen. Daardoor is vooral de voorjaarsgroei opvallend.
In april en mei verschijnen hangende trossen met kleine, witte klokvormige bloemen. Het wintergroene blad blijft ook buiten de bloeiperiode aanwezig. De struik groeit dicht en opgaand en kan na vele jaren ongeveer 1,5 tot 2 meter hoog worden.
Standplaats en bodem
'Mountain Fire' groeit het best in halfschaduw, op een beschutte plaats zonder felle middagzon. De bodem moet zuur, humusrijk en goed doorlatend zijn, maar mag tijdens het groeiseizoen niet volledig uitdrogen. Kalkrijke grond kan een gebrekkige opname van voedingsstoffen en geel verkleurend blad veroorzaken.
De plant verdraagt de Belgische winters doorgaans goed. De jonge rode scheuten zijn gevoeliger voor late nachtvorst en koude, uitdrogende wind. Snoei is meestal niet nodig; storende of beschadigde takken kunnen na de bloei licht worden teruggenomen.
Bestellen