- Alle producten
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- PHLOX PANICULATA 'JADE'
- Vaste planten
Pluimflox (Phlox paniculata) 'Jade' onderscheidt zich door witte bloemen met zachtgroene tekeningen langs de bloemrand. Ze staan in dichte, opgaande pluimen boven het donkergroene blad. De bloei begint doorgaans in juli en kan bij het verwijderen van uitgebloeide pluimen tot september aanhouden.
Met een hoogte van ongeveer 60 cm en een breedte van circa 50 cm blijft 'Jade' vrij compact. De opgaande pol past daardoor vooraan of in het midden van een vasteplantenborder en kan ook in een ruime pot worden gekweekt. De bovengrondse delen sterven in het najaar volledig af.
Plant deze pluimflox in de zon of lichte halfschaduw, op een vruchtbare en humusrijke bodem die tijdens de zomer voldoende vochtig blijft maar goed afwatert. Langdurige droogte vermindert de groei en bloei. Een open standplaats met voldoende luchtcirculatie helpt om het blad gezond te houden.
Verwijder uitgebloeide bloemstengels om de bloeiperiode te verlengen. Het afgestorven loof kan in het late najaar of aan het einde van de winter tot bij de grond worden afgeknipt. Oudere pollen kunnen na enkele jaren worden gedeeld wanneer de groei of bloei terugloopt.
De bloemen zijn overwegend wit tot roomwit en hebben zachtgroene accenten langs de rand. De precieze kleurindruk kan variëren met het ontwikkelingsstadium van de bloemen en de lichtomstandigheden. Door deze groene tekening verschilt 'Jade' duidelijk van volledig witbloeiende pluimfloxen. De afzonderlijke bloemen staan samen in dichte, opgaande pluimen.
Ja. Door de vrij compacte groei kan 'Jade' in een ruime pot worden gehouden. Gebruik een voedselrijke potgrond en zorg voor drainagegaten, want de wortels verdragen geen langdurig stilstaand water. Potgrond droogt tegelijk sneller uit dan tuingrond; controleer daarom tijdens warme perioden regelmatig het vochtgehalte. Verpot of deel de plant wanneer de pol te dicht wordt.
Laat de bodem rond de wortels niet langdurig uitdrogen. Geef bij droog weer bij voorkeur grondig water aan de voet van de plant, zodat het blad zo veel mogelijk droog blijft. Een dunne laag compost helpt het bodemvocht vasthouden. Zorg daarnaast voor voldoende ruimte tussen de planten: een goede luchtcirculatie beperkt de omstandigheden waarin meeldauw zich gemakkelijk ontwikkelt.
Het verwijderen van uitgebloeide pluimen is niet noodzakelijk om de plant in leven te houden, maar kan de bloeiperiode verlengen en voorkomt ongewenste uitzaaiing. Knip de oude bloemstengel terug tot boven een gezond bladpaar. In het late najaar of aan het einde van de winter mogen alle afgestorven stengels tot dicht bij de grond worden weggeknipt.
Een oudere pol kan in het vroege voorjaar of na de bloei worden gedeeld wanneer het centrum minder krachtig groeit of de bloei terugloopt. Graaf de plant uit, verdeel de wortelkluit in stevige stukken met gezonde scheuten en plant deze opnieuw in verbeterde, vochthoudende grond. Geef na het herplanten voldoende water totdat de delen opnieuw zijn ingeworteld.