Winterpeer voor warme bereidingen
Pyrus communis 'Winterkeizerin' vormt middelgrote tot grote peren met een groengele, gedeeltelijk beroeste schil. Het gelig witte vruchtvlees is vrij vast, redelijk sappig en aromatisch. Vers van de boom is de smaak eerder wrang; dit ras wordt daarom vooral als stoofpeer gebruikt. Tijdens het koken wordt het vruchtvlees zacht en zoet en krijgt het een roodachtige kleur.
De vruchten worden doorgaans in oktober geplukt. Ze ontwikkelen hun kwaliteit verder tijdens de bewaring en blijven onder koele, luchtige omstandigheden tot diep in de winter bruikbaar. Behalve voor stoven zijn de peren geschikt voor gebak en andere warme bereidingen.
Halfstam en standplaats
Bij deze halfstam begint de kroon op een stamhoogte van ongeveer 1,20 tot 1,30 meter. De uiteindelijke boomgrootte hangt mede af van de gebruikte onderstam, de bodem en de snoei. Voorzie daarom voldoende ruimte om een open, evenwichtige kroon te ontwikkelen.
Plant de boom bij voorkeur in de zon of halfschaduw, op een voedzame bodem die voldoende vocht vasthoudt maar niet langdurig nat blijft. Een zonnige standplaats ondersteunt de rijping van de vruchten. Snoei vooral om kruisende, zieke en sterk opgaande takken te verwijderen; zware snoei stimuleert doorgaans veel nieuwe scheutgroei.