- Alle producten
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Siergrassen
- PANICUM VIRGATUM 'CLOUD NINE'
- Siergrassen
Hoog en opvallend rechtopstaand vingergras
Panicum virgatum 'Cloud Nine' onderscheidt zich door zijn hoogte en stevige, verticale groei. Het blauwgrijze tot blauwgroene blad vormt een opgaande pol waarboven vanaf augustus luchtige, fijn vertakte bloempluimen verschijnen. Een volwassen plant wordt doorgaans 1,8 tot 2 meter hoog en ongeveer 75 tot 100 cm breed.
In het najaar verkleuren het blad en de bloeiwijzen geleidelijk naar geelbeige en brons. De verdroogde halmen blijven tijdens de winter structuur geven, vooral wanneer de plant voldoende zonnig staat en niet te zwaar bemest wordt.
Standplaats en verzorging
'Cloud Nine' groeit het stevigst en bloeit het rijkst in de volle zon. Een diepe, goed doorlatende en matig voedselrijke bodem is geschikt. Een gevestigde plant verdraagt tijdelijke droogte, maar heeft tijdens de eerste jaren water nodig bij langdurig droog weer. Op erg droge of arme grond blijft de ontwikkeling trager en kan de plant lager uitvallen.
Laat het afgestorven loof tijdens de winter staan en knip de volledige pol terug voordat de nieuwe groei in het voorjaar begint. De cultivar groeit polvormend en breidt zich geleidelijk uit zonder lange uitlopers te vormen. Door zijn hoogte komt hij vooral tot zijn recht achteraan in een ruime border of als verticaal accent tussen lagere vaste planten en siergrassen.
Panicum virgatum 'Cloud Nine' bereikt in goede omstandigheden doorgaans een hoogte van ongeveer 1,8 tot 2 meter, inclusief de bloempluimen. De pol wordt ongeveer 75 tot 100 cm breed. Op droge of voedselarme grond blijft de plant vaak wat lager en smaller. Geef hem voldoende ruimte zodat de rechtopstaande vorm zichtbaar blijft. Voor een gesloten groep kan een plantafstand van ongeveer 75 tot 100 cm worden aangehouden, afhankelijk van hoe snel de beplanting moet dichtgroeien.
De halmen van 'Cloud Nine' zijn stevig en blijven onder normale omstandigheden lang rechtop. Daardoor behoudt de plant na het verdrogen een duidelijk wintersilhouet. Zeer zware sneeuw, langdurige regen of harde wind kan de halmen later in de winter doen omvallen. Een zonnige standplaats en een matige bemesting bevorderen een stevige groei. Op een te voedselrijke bodem kunnen de halmen langer en slapper worden. Laat het afgestorven loof staan zolang het nog voldoende structuur biedt.
Ja, een goed ingewortelde plant verdraagt tijdelijke droge periodes. Tijdens de eerste twee groeiseizoenen is regelmatig water geven bij langdurige droogte wel belangrijk, zodat het wortelstelsel zich voldoende kan ontwikkelen. Op erg droge zandgrond groeit 'Cloud Nine' trager en bereikt hij mogelijk niet zijn normale hoogte. Een goed doorlatende bodem met voldoende organische stof biedt de beste combinatie van vochtbuffering en drainage. Langdurig uitgedroogde jonge planten herstellen minder gemakkelijk dan gevestigde pollen.
In lichte halfschaduw kan 'Cloud Nine' nog groeien, maar een zonnige standplaats geeft doorgaans de stevigste halmen en de rijkste bloei. Bij te weinig licht kan de pol losser worden en blijven de bloempluimen beperkter. Kies daarom bij voorkeur een open plaats met meerdere uren rechtstreeks zonlicht per dag. Een warme standplaats helpt de hoge cultivar bovendien om zich in het Belgische groeiseizoen volledig te ontwikkelen. Voldoende bodemvocht tijdens de eerste jaren blijft belangrijk, ook op een zonnige plaats.
Knip het oude loof aan het einde van de winter of vroeg in het voorjaar terug, voordat de nieuwe scheuten duidelijk beginnen uit te lopen. Snoei de pol tot ongeveer 10 à 15 cm boven de grond. Door de halmen tijdens de winter te laten staan, blijft de verticale structuur langer zichtbaar en wordt het hart van de plant enigszins beschermd. Verwijder het oude loof tijdig zodra de nieuwe groei start, zodat jonge scheuten niet tussen de verdroogde halmen beschadigd raken.