- Alle producten
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- PAEONIA LACTIFLORA 'JAN VAN LEEUWEN'
- Vaste planten
Witte kruidpioen met geel hart
Paeonia lactiflora 'Jan van Leeuwen' onderscheidt zich door haar open bloemvorm. Brede, zuiverwitte bloemblaadjes omringen een dicht geel hart van smalle, omgevormde meeldraden. De bloei valt doorgaans in juni en behoort daarmee tot het latere deel van het pioenenseizoen.
De grote bloemen worden gedragen door stevige stelen en zijn bruikbaar als snijbloem. Het donkergroene blad vormt een bossige pol van ongeveer 90 cm hoog. In het najaar sterven de bovengrondse delen af; in het voorjaar loopt de plant opnieuw uit vanuit de wortelstok.
Standplaats en bodem
Deze kruidpioen bloeit het rijkst op een zonnige plaats. Lichte halfschaduw wordt verdragen, maar te weinig licht kan de bloemvorming beperken. Kies een diepe, vruchtbare en goed doorlatende bodem die tijdens de groeiperiode niet langdurig uitdroogt. Natte grond is minder geschikt voor de vlezige wortels.
Plant de groeiknoppen ondiep. Een te diepe aanplant is een veelvoorkomende oorzaak van een zwakke of uitblijvende bloei. Geef de plant voldoende ruimte en verplaats een goed gevestigd exemplaar zo weinig mogelijk.
'Jan van Leeuwen' heeft geen dichtgevulde, bolvormige bloem. De brede witte buitenste bloemblaadjes blijven duidelijk gescheiden van het opvallende gele hart. Daardoor oogt de bloem opener en is het kleurcontrast sterker dan bij volledig dubbelbloemige witte cultivars. Dit bloemtype maakt het ras herkenbaar, zowel in de border als in een boeket.
De cultivar vormt doorgaans stevige stelen, waardoor ondersteuning niet standaard nodig is. Bij zeer rijke bloei of na zware regen kunnen de grote bloemen de stelen echter naar buiten doen buigen. Op een beschutte standplaats en in een niet te stikstofrijke bodem blijft de pol meestal steviger. Indien nodig kan vroeg in het voorjaar een discrete plantensteun rond de jonge scheuten worden geplaatst.
Ja. De grote witte bloemen met geel hart en de stevige stelen maken deze cultivar geschikt voor boeketten. Snijd stelen wanneer de knoppen kleur tonen en soepel beginnen aan te voelen, maar nog niet volledig geopend zijn. Laat voldoende blad aan de plant staan, zodat de wortelstok na de bloei reserves kan opbouwen voor het volgende groeiseizoen. Zet de afgesneden stelen onmiddellijk in schoon water.
Een te diepe aanplant is bij kruidpioenen een veelvoorkomende oorzaak van weinig of geen bloemen. Ook onvoldoende zon, concurrentie van naburige planten, recente verplanting of een jonge plant die nog moet vestigen, kan de bloei vertragen. Controleer of de groeiknoppen slechts ondiep onder de grond liggen. Geef de plant vervolgens tijd: na verplaatsing kan het enkele groeiseizoenen duren voordat de bloei opnieuw op niveau komt.
Dat kan, maar kruidpioenen worden bij voorkeur zo weinig mogelijk verplaatst. Verplant de wortelstok in het najaar, wanneer het blad is afgestorven. Deel grote pollen alleen wanneer dat nodig is en zorg dat ieder deel gezonde groeiknoppen en voldoende wortels behoudt. Plant opnieuw ondiep en houd rekening met een tijdelijke terugval in bloei terwijl de gedeelde plant zich opnieuw vestigt.