- Alle producten
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladhoudend
- LIGUSTRUM OVALIFOLIUM
- Bladhoudend
Dichtgroeiende, halfwintergroene haagplant
Haagliguster (Ligustrum ovalifolium) groeit krachtig en vormt door zijn dichte vertakking snel een gesloten haag. Het ovale, glanzend groene blad blijft tijdens zachte Belgische winters grotendeels zitten. Bij langdurige of strengere vorst kan de plant meer blad verliezen, waarna hij in het voorjaar opnieuw uitloopt.
Een vrij groeiend exemplaar kan ruim 3 meter hoog worden, maar als haag laat deze liguster zich gemakkelijk op de gewenste hoogte en breedte houden. Een of twee snoeibeurten per jaar volstaan doorgaans voor een verzorgde haag. Door zijn goede hergroei is de soort ook bruikbaar voor vormsnoei.
Wanneer de plant niet voortdurend strak wordt gesnoeid, verschijnen in juni en juli kleine, roomwitte bloemen in pluimen. Ze geuren en worden bezocht door bestuivende insecten. Na de bloei kunnen zwarte bessen ontstaan. De vruchten zijn niet geschikt voor menselijke consumptie. Bij een regelmatig geknipte haag blijven bloei en vruchtvorming meestal beperkt.
Standplaats en bodem
Ligustrum ovalifolium groeit in de zon en halfschaduw. Een normale, goed doorlatende tuingrond is geschikt; ook een kalkhoudende bodem wordt doorgaans verdragen. Langdurig natte grond is minder geschikt. De soort verdraagt snoei, wind en stedelijke omstandigheden goed, waardoor hij zowel in landelijke als meer bebouwde omgevingen als haag kan worden gebruikt.
Haagliguster is halfwintergroen. Tijdens een zachte Belgische winter blijft een groot deel van het blad aan de plant, maar bij strengere vorst, koude wind of langdurig winterweer kan aanzienlijk bladverlies optreden. Dat is normaal en wijst niet noodzakelijk op schade. In het voorjaar loopt de haag opnieuw uit. Een beschutte standplaats en een bodem die niet langdurig nat blijft, helpen om de plant goed door de winter te laten komen.
Voor een strakke ligusterhaag zijn doorgaans twee snoeibeurten per jaar geschikt: een eerste keer rond het einde van het voorjaar en eventueel opnieuw aan het einde van de zomer. Wie een lossere haag verkiest, kan minder vaak snoeien. Haagliguster herstelt goed na het knippen en vertakt daardoor steeds dichter. Vermijd snoei tijdens vorst en controleer vóór het werk of er geen broedende vogels in de haag zitten.
Ja, maar vooral wanneer een deel van de jonge scheuten ongemoeid blijft. In juni en juli kunnen roomwitte, geurende bloempluimen verschijnen die bestuivende insecten aantrekken. Bij een strak gesnoeide haag worden de bloemdragende scheuten vaak vóór de bloei verwijderd, waardoor weinig of geen bloemen ontstaan. Wie bloei wenst, kan de haag losser laten groeien of de snoei uitstellen tot na de bloeiperiode.
Haagliguster past zich aan verschillende grondsoorten aan en verdraagt ook kalkhoudende bodem. Op kleigrond is vooral de waterafvoer belangrijk. Een compacte bodem waarin in de winter langdurig water blijft staan, verhoogt de kans op wortelproblemen. Maak verdichte grond vóór het planten voldoende diep los, zonder de plant dieper te zetten dan hij op de kwekerij stond. Op droge grond is tijdens de eerste jaren extra water nodig totdat de haag goed is ingeworteld.
Nee. De zwarte bessen van haagliguster zijn niet geschikt voor menselijke consumptie en mogen ook niet door huisdieren worden gegeten. Ze verschijnen alleen na een geslaagde bloei, waardoor een regelmatig gesnoeide haag meestal weinig vruchten draagt. Draag eventueel handschoenen bij het verwijderen van grote hoeveelheden bessen en plaats de plant met enige voorzichtigheid op plekken waar kleine kinderen vrij spelen.