- Alle producten
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- LAGERSTROEMIA INDICA 'TERRASSE ROUGE'
- Bladverliezend
Compacte Indische sering met dieprode bloei
Lagerstroemia indica 'Terrasse Rouge' groeit als een dicht vertakte, bladverliezende struik. Na ongeveer tien jaar bereikt hij circa 1,5 m hoogte en 1 m breedte. Door die beperkte groei past deze cultivar in een kleine tuin, een zonnige border of een ruime pot.
De geplooide bloemen staan in pluimen aan de uiteinden van jonge scheuten. Ze zijn dieprood tot magentarood en hebben opvallende gele meeldraden. In België valt de hoofdbloei doorgaans in de zomer. Op een voldoende warme standplaats kan de bloei tot in de vroege herfst aanhouden.
Het kleine, ovale blad is glanzend groen. De gladde bast kan op oudere takken in dunne platen afschilferen en zo ook buiten de bloeiperiode structuur geven.
Standplaats en verzorging
'Terrasse Rouge' vraagt volle zon en zoveel mogelijk warmte. Kies in België bij voorkeur een beschutte plaats tegen een zuidgerichte muur of op een warm terras. Een koele, winderige standplaats kan de bloei beperken.
De bodem moet voedselrijk en goed gedraineerd zijn. Vermijd plaatsen waar in de winter langdurig water blijft staan. Een plant in pot vraagt een ruime kuip met vrije afwatering; bescherm de pot tijdens strengere vorst, omdat de wortels daar sneller afkoelen dan in volle grond.
Snoei gebeurt in het voorjaar, nadat het risico op zware vorst grotendeels voorbij is. Terugsnoeien stimuleert jonge scheuten waarop later de bloempluimen ontstaan. Verwijder ook dood of beschadigd hout, maar snoei niet tijdens vorstperioden.
'Terrasse Rouge' bereikt na ongeveer tien jaar circa 1,5 m hoogte en 1 m breedte. De struik groeit traag, compact en dicht vertakt. De uiteindelijke afmetingen hangen mede af van de beschikbare warmte, de bodem en de snoei. In een pot blijft de groei doorgaans beperkter dan in volle grond. Door zijn bescheiden formaat vraagt deze cultivar duidelijk minder ruimte dan sterk groeiende vormen van de Indische sering.
Ja. Gebruik een ruime, vorstbestendige pot met voldoende drainagegaten en een luchtig substraat. Zet de plant in volle zon, bij voorkeur op een warme en beschutte plaats. Laat de potgrond tijdens de groeiperiode niet volledig uitdrogen, maar voorkom blijvend natte wortels. Bescherm de pot bij strengere vorst of plaats hem tijdelijk op een koele, beschutte plek. Wortels in een pot zijn gevoeliger voor koude dan wortels in volle grond.
Deze cultivar kan in België in volle grond groeien wanneer hij warm en beschut staat en de bodem goed afwatert. Vermijd koude wind, vorstkommen en natte wintergrond. Jonge planten zijn gevoeliger en kunnen de eerste winters bescherming rond de voet gebruiken. Ook late voorjaarsvorst kan jonge scheuten beschadigen. Exemplaren in pot vragen extra bescherming, omdat de wortelkluit bij vorst sneller en dieper afkoelt.
Een tekort aan warmte en direct zonlicht is in België de meest waarschijnlijke oorzaak. Zet de struik in volle zon op een beschutte plaats, liefst tegen een warme muur. Ook vorstschade aan jonge scheuten, een te natte bodem of een ongeschikt snoeitijdstip kan de bloei verminderen. Snoei in het voorjaar en geef geen overmatige stikstofbemesting, omdat die vooral bladgroei stimuleert. Na een koele zomer kan de bloei later beginnen of beperkter blijven.
Snoei in het voorjaar, zodra de kans op zware vorst duidelijk kleiner is. Kort de scheuten van het vorige groeiseizoen terug en verwijder dood, beschadigd of kruisend hout. Hierdoor ontstaan nieuwe scheuten waarop de bloempluimen worden gevormd. Bij een jonge plant volstaat een beperkte vormsnoei om een goed vertakte struik op te bouwen. Vermijd sterke snoei in het najaar, omdat nieuwe snoeiwonden en jonge groei dan gevoeliger zijn voor winterkou.