Geelwitte, laatrijpe kersen
Kersenboom Prunus avium 'Witte Kraker' draagt geelwitte kersen die ook bij rijpheid nauwelijks een rode blos ontwikkelen. Het vruchtvlees is stevig. De vruchten rijpen laat in het kersenseizoen; het precieze pluktijdstip verschilt van jaar tot jaar volgens het weer en de standplaats.
De bloei valt relatief laat en is doorgaans geconcentreerd in een korte periode. Voor een goede vruchtzetting is een genetisch passende zoete kers met een overlappende bloeitijd nodig. Omdat niet iedere laatbloeiende kers automatisch geschikt is, wordt de bestuiver het best gericht gekozen.
Teelt als jaarse snoer
Een jaarse snoer is een jonge, geleide fruitboom die verder langs draden, een hekwerk of een muur wordt gevormd. Het ras is niet van nature zuilvormig: de smalle vorm blijft alleen behouden door nieuwe scheuten aan te binden en jaarlijks gericht te snoeien. De uiteindelijke afmetingen hangen sterk af van de onderstam, de beschikbare ruimte en het gevolgde snoeiregime.
Kies een zonnige, bij voorkeur beschutte plaats met een doorlatende bodem. Langdurig natte grond is ongeschikt. Langs een muur kan de bodem sneller uitdrogen, zodat water geven tijdens droge perioden vooral in de eerste jaren nodig kan zijn.
Beperk zware wintersnoei. Vormcorrecties en het inkorten van zijscheuten gebeuren bij kersen bij voorkeur tijdens droog zomerweer of na de oogst. Zo blijft de snoervorm beheersbaar en kunnen snoeiwonden vlotter opdrogen.