Krulpitrus (Juncus effusus 'Spiralis') onderscheidt zich door zijn gedraaide, kurkentrekkerachtige stengels. De plant vormt een compacte pol met een grillig lijnenspel. De groenbruine bloeiwijzen zijn vrij onopvallend; de sierwaarde zit vooral in de bijzondere stengelvorm.
Deze cultivar vraagt een blijvend vochtige tot natte bodem. Hij groeit goed aan de vijverrand, in een moeraszone of in een vochtige border die in de zomer niet uitdroogt. Een zonnige standplaats is geschikt, maar ook halfschaduw wordt verdragen.
Krulpitrus kan eveneens in een pot worden gehouden, op voorwaarde dat de potgrond voortdurend vochtig blijft. Een schaal met water onder de pot helpt uitdroging voorkomen. Gewone, drogere bordergrond is minder geschikt.
Knip bruine of beschadigde stengels in het voorjaar bij de basis weg. Het winterbeeld kan variëren: tijdens koude perioden kunnen oude stengels gedeeltelijk bruin worden, waarna vanuit de pol nieuwe groei verschijnt.