Vroege witte tafeldruif
Druif 'Perdin' vormt trossen met ovale bessen die bij rijpheid goudgeel kleuren. Het vruchtvlees is sappig en aromatisch, met een licht muskaatachtige smaak. De druiven zijn vooral geschikt voor verse consumptie, maar kunnen ook in desserts en gebak worden verwerkt.
Het ras rijpt vroeg. Op een warme, zonnige standplaats kan de oogst in België doorgaans vanaf eind augustus beginnen. Na een koele zomer kan de rijping tot in september opschuiven. Een beschutte ligging helpt om voldoende warmte op te bouwen en de bessen gelijkmatig te laten afrijpen.
Groei en standplaats
'Perdin' is een krachtig groeiende druivelaar die zich met ranken aan een draadwerk, pergola of andere steun vasthecht. De uiteindelijke hoogte en breedte hangen sterk af van de gekozen leivorm en de jaarlijkse snoei.
Plant deze druif in de volle zon, bij voorkeur op een warme plek met een goed doorlatende bodem. Eenmaal ingeworteld verdraagt hij drogere grond, maar blijvend natte grond is ongeschikt. Een te voedselrijke bodem stimuleert veel bladgroei en kan de vruchtvorming en afrijping benadelen.
Weerstand en snoei
'Perdin' heeft een goede natuurlijke weerstand tegen belangrijke schimmelziekten van druiven. Dat is een voordeel in het vochtige Belgische klimaat, al blijft een open groeiwijze belangrijk. Voldoende lucht rond het blad en de trossen verkleint de ziektedruk verder.
De vruchten ontstaan aan jonge scheuten die uit het hout van het voorgaande jaar groeien. Met een jaarlijkse wintersnoei wordt het gestel behouden en het vruchthout vernieuwd. In de zomer kunnen overtollige scheuten en bladeren rond de trossen beperkt worden uitgedund om licht en lucht toe te laten.