- Alle producten
- Sierplanten
- Bodembedekkers
- CYMBALARIA MURALIS
- Bodembedekkers
Muurleeuwenbek (Cymbalaria muralis) vormt een laag tapijt van kruipende stengels en kleine, rond gelobde bladeren. Van april tot september verschijnen lila tot paarsachtige bloemen met een opvallend geel hart. De plant blijft doorgaans lager dan 20 cm.
Deze vaste plant groeit het best in de zon of halfschaduw, op een stenige en goed doorlatende bodem die niet langdurig nat blijft. Hij is bijzonder geschikt voor stapelmuurtjes, rotstuinen en open voegen tussen stenen. Muurleeuwenbek klimt niet zelfstandig tegen een gesloten wand, maar groeit vanuit spleten over het metselwerk heen.
De plant breidt zich snel uit en zaait zich gemakkelijk uit in nabijgelegen voegen. Dat levert een natuurlijk begroeid muurbeeld op, maar vraagt soms begrenzing. Ongewenste zaailingen en te lange stengels kunnen eenvoudig worden verwijderd. Het blad is deels wintergroen: tijdens zachte winters blijft veel loof aanwezig, terwijl het bij strengere vorst gedeeltelijk kan verdwijnen.
Ja, op voorwaarde dat de muur open voegen of spleten met wat substraat bevat. Muurleeuwenbek hecht zich niet zoals klimop aan een gesloten wand, maar wortelt in kleine openingen en laat zijn stengels vervolgens over de stenen groeien. Stapelmuurtjes en verweerde voegen zijn daarom geschikter dan strak en volledig gesloten metselwerk. De standplaats moet voldoende afwateren, want langdurig natte voegen zijn minder geschikt.
Muurleeuwenbek kan zich snel uitbreiden, vooral doordat de plant zich gemakkelijk uitzaait in voegen en spleten. Op een stapelmuur of tussen bestrating kunnen daardoor op verschillende plaatsen nieuwe planten verschijnen. De uitbreiding is doorgaans eenvoudig te begrenzen door ongewenste zaailingen tijdig uit te trekken en lange stengels terug te knippen. Plaats de plant niet waar spontane uitzaaiing ongewenst is of moeilijk bereikbaar zou zijn.
Een goed ingewortelde muurleeuwenbek verdraagt tijdelijke droogte, maar groeit het best in een licht vochtige, goed doorlatende bodem. In ondiepe voegen kan het substraat tijdens warme zomerdagen snel uitdrogen. Geef jonge planten daarom water tijdens langere droge perioden. Een voortdurend natte bodem is evenmin geschikt; de combinatie van enige vochtigheid en een snelle afvoer van overtollig water sluit het best aan bij de natuurlijke groei in stenige spleten.
Muurleeuwenbek groeit zowel in de zon als in halfschaduw. Op een zonnige muur moet voldoende vocht beschikbaar blijven, omdat kleine voegen snel uitdrogen. Halfschaduw is vaak gunstig wanneer het metselwerk sterk opwarmt of weinig substraat bevat. Een erg donkere standplaats is minder geschikt voor een compacte groei en goede bloei. De bodemtoestand is minstens zo belangrijk als de hoeveelheid licht: kies steeds een plaats die niet langdurig nat blijft.
Muurleeuwenbek is in België doorgaans deels wintergroen. Tijdens zachte winters blijft een aanzienlijk deel van het blad aanwezig. Bij strengere vorst of op sterk blootgestelde plaatsen kan het loof gedeeltelijk afsterven. De plant loopt vervolgens opnieuw uit wanneer de omstandigheden verbeteren. Oude of beschadigde stengels kunnen in het voorjaar worden weggeknipt, maar een uitgebreide snoeibeurt is gewoonlijk niet nodig.