- Alle producten
- Sierplanten
- Bomen
- Loofbomen
- BETULA PENDULA 'CRISPA' SPIL
- Loofbomen
Fijn ingesneden blad en een lichte kroon
Betula pendula 'Crispa' onderscheidt zich van de gewone ruwe berk door zijn diep ingesneden, lang toegespitste bladeren. De kroon groeit aanvankelijk opgaand en ovaal, terwijl de fijne twijgen sterk overhangen. Hierdoor ontstaat een halfopen kroon die lichter oogt dan bij een ruwe berk met onverdeeld blad.
De stam wordt wit en bladdert licht af. Bij oudere bomen wordt de stambasis ruwer, donkerder en dieper gegroefd. Het groene blad verkleurt in de herfst geel tot geelbruin. De geelgroene katjes verschijnen doorgaans in maart.
Groei en standplaats
Deze cultivar groeit middelmatig snel en bereikt op termijn ongeveer 10 tot 15 meter hoogte en 5 tot 7 meter breedte. De spilvorm is een jonge boom met een doorgaande harttak, bedoeld om verder uit te groeien tot een opgaande boom.
'Crispa' groeit in zon tot halfschaduw en verdraagt uiteenlopende bodems, waaronder zand-, leem- en kleigrond. Een goed doorlatende bodem zonder langdurige waterverzadiging heeft de voorkeur. Ook op relatief droge en voedselarme grond kan de boom groeien.
De beworteling blijft vrij oppervlakkig. Bodemverdichting, ophoging rond de stam en sterk wisselende waterstanden kunnen daarom nadelig zijn. De boom verdraagt gewone wind redelijk tot goed, maar is minder geschikt voor een standplaats met rechtstreekse zeewind. Snoei is doorgaans beperkt nodig; vermijd snoei tijdens de sterke sapstroom in het vroege voorjaar.
Het belangrijkste verschil zit in het blad. Bij 'Crispa' is dit diep ingesneden, met weinig lobben en een opvallend lange bladpunt. Daardoor heeft de kroon een fijnere en luchtigere structuur dan die van de gewone ruwe berk. De boom vormt een opgaande, ovale kroon met schuin opstaande takken en sterk overhangende twijgen. De witte stam, donkere en gegroefde stambasis en gele herfstverkleuring sluiten grotendeels aan bij de kenmerken van de soort.
Een volwassen Betula pendula 'Crispa' wordt doorgaans 10 tot 15 meter hoog en ongeveer 5 tot 7 meter breed. De uiteindelijke afmetingen hangen af van de bodem, de beschikbare wortelruimte en de groeiplaats. Door deze omvang vraagt de boom voldoende ruimte boven en onder de grond. De kroon blijft halfopen, maar de sterk overhangende twijgen nemen op latere leeftijd wel een duidelijke breedte in.
Ja, deze berk kan op droge zandgrond groeien, op voorwaarde dat jonge bomen tijdens het inwortelen voldoende water krijgen. Een losse, goed doorlatende bodem past beter dan een verdichte of langdurig natte grond. Ook op voedselarmere bodems blijft de boom bruikbaar. Bedek de wortelzone niet met een dikke grondlaag en vermijd zwaar verkeer rond de boom, want het oppervlakkige wortelstelsel is gevoelig voor ophoging en bodemverdichting.
De boom verdraagt gewone wind doorgaans redelijk tot goed, maar rechtstreekse zeewind wordt minder goed verdragen. Voor sterk aan de kust blootgestelde tuinen is deze cultivar daarom geen vanzelfsprekende keuze. Op een open plek verder landinwaarts kan hij meestal wel worden toegepast, mits de boom na het planten stevig wordt verankerd. Verwijder de boomband zodra de boom voldoende is ingeworteld, zodat de stam zich verder kan verstevigen.
Een spil is een jonge boom met een duidelijke, doorgaande harttak. De kroon is nog niet op een vaste stamhoogte gevormd en kan zich na aanplant verder ontwikkelen. Deze productvorm is geschikt wanneer men de boom vanaf jonge leeftijd op zijn standplaats wil laten uitgroeien. Behoud bij begeleidingssnoei de centrale harttak en verwijder alleen takken die de gewenste kroonopbouw hinderen. Vermijd daarbij sterke snoei in het vroege voorjaar vanwege de sapstroom.