- Alle producten
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- ASTER ERICOIDES 'BLUE WONDER'
- Vaste planten
Heideaster (Aster ericoides 'Blue Wonder') vormt van augustus tot oktober talrijke kleine, lichtblauwe tot blauwviolette bloemen met een geel hart. De fijne bloemen en smalle, donkergroene bladeren geven de plant een luchtig karakter. De uiteindelijke hoogte ligt doorgaans tussen 70 en 100 cm.
'Blue Wonder' groeit het best in de zon. Lichte halfschaduw wordt verdragen, maar op een zonnige standplaats is de bloei doorgaans het rijkst. Kies een humusrijke, matig voedselrijke bodem die voldoende vocht vasthoudt zonder langdurig nat te blijven. Een goede afwatering is vooral tijdens de winter belangrijk.
Deze vaste plant komt goed tot zijn recht tussen andere laatbloeiende vaste planten en siergrassen. De bloemen worden bezocht door bijen en andere insecten. Laat de afgestorven stengels eventueel tijdens de winter staan en knip ze in het vroege voorjaar tot vlak boven de grond terug. Oudere pollen kunnen na enkele jaren worden gedeeld wanneer de groei of bloei terugloopt.
Aster ericoides 'Blue Wonder' wordt doorgaans ongeveer 70 tot 100 cm hoog. De uiteindelijke hoogte hangt mee af van de bodem, vochtvoorziening en hoeveelheid licht. Op een voedselrijke, voldoende vochtige standplaats kan de plant hoger uitgroeien dan op een schralere bodem. Houd bij de aanplant daarom voldoende ruimte vrij tussen lagere vaste planten. De fijne vertakking en kleine bloemen zorgen ondanks deze hoogte voor een luchtige indruk.
Ja, lichte halfschaduw wordt verdragen, maar een zonnige standplaats heeft de voorkeur. Met voldoende zon blijft de groei doorgaans steviger en ontwikkelt de plant meer bloemen. Een plaats met enkele uren directe zon per dag is daarom geschikter dan diepe schaduw. In halfschaduw moet de bodem bovendien goed doorlatend blijven, omdat vocht daar trager verdampt. Volledige schaduw is voor deze heideaster niet aangewezen.
Deze heideaster groeit het best in een humusrijke, matig voedselrijke en goed doorlatende bodem. De grond mag tijdens het groeiseizoen licht vochtig blijven, maar langdurig natte omstandigheden zijn minder geschikt. Zware kleigrond kan bruikbaar zijn wanneer de structuur goed is en overtollig water gemakkelijk wegzakt. Op erg droge grond kan tijdens langdurige zomerdroogte extra water nodig zijn, vooral zolang de plant nog niet goed is ingeworteld.
Knip de afgestorven stengels bij voorkeur in het vroege voorjaar terug tot vlak boven de grond, voordat de nieuwe scheuten sterk beginnen te groeien. De oude stengels mogen tijdens de winter blijven staan. Ze geven structuur aan de border en beschermen de basis van de plant enigszins tegen wisselende winteromstandigheden. Terugsnoeien direct na de bloei kan ook, maar is voor de gezondheid van de plant niet noodzakelijk.
Delen is vooral nuttig wanneer een oudere pol minder krachtig groeit of minder rijk bloeit. Dit is vaak pas na enkele jaren nodig. Graaf de plant in het vroege voorjaar op, verdeel de gezonde buitenste delen en plant die opnieuw in voorbereide grond. Verwijder verouderde of zwakke stukken uit het hart van de pol. Door te delen blijft de plant vitaal en kan tegelijk worden voorkomen dat hij te veel ruimte inneemt.