- Alle producten
- Fruitplanten
- Fruitbomen
- Abrikozenbomen
- ABRIKOOS PECHE DE NANCY JAARSE SNOER
- Abrikozenbomen
Grote, zoete abrikozen voor een beschutte standplaats
Prunus armeniaca 'Pêche de Nancy' vormt grote, oranje abrikozen met vaak een rode blos aan de zonzijde. Het vruchtvlees is sappig, zoet en aromatisch. De vruchten rijpen in België doorgaans in augustus en zijn geschikt om vers te eten of te verwerken tot confituur, compote en gebak.
Dit is een zelfbestuivend ras, zodat één boom vruchten kan dragen. De vroege bloei blijft echter gevoelig voor nachtvorst. Een zonnige, warme en tegen koude wind beschutte standplaats vergroot daarom de kans op een regelmatige oogst.
Jaarse snoer
Een jaarse snoer is een jonge fruitboom met weinig of nog geen ontwikkelde gesteltakken. Deze productvorm is geschikt voor wie de kroon vanaf het begin zelf wil opbouwen. Geef de jonge boom steun en selecteer tijdens de eerste jaren enkele goed geplaatste scheuten voor een evenwichtige kroon.
'Pêche de Nancy' groeit het best in een luchtige, goed doorlatende bodem. Langdurig natte of verdichte grond verhoogt de kans op wortelproblemen. Snoei terughoudend en vermijd grote snoeiwonden; noodzakelijke vormsnoei gebeurt bij voorkeur tijdens droog zomerweer.
Een jaarse snoer is een jonge fruitboom waarvan de definitieve kroon nog niet gevormd is. De boom bestaat hoofdzakelijk uit een centrale scheut met weinig of geen ontwikkelde zijtakken. Daardoor kunt u tijdens de eerste jaren zelf goed geplaatste takken selecteren en de gewenste kroon opbouwen. Bind de jonge stam aanvankelijk aan een stevige steun en verwijder alleen slecht geplaatste of beschadigde scheuten. Een jaarse snoer is dus een uitgangsvorm voor verdere opkweek en niet noodzakelijk een blijvend smalle snoerboom.
Ja, 'Pêche de Nancy' is zelfbestuivend en kan zonder tweede abrikozenras vruchten vormen. De uiteindelijke vruchtzetting hangt echter ook af van het weer tijdens de bloei. Koude, regen en nachtvorst kunnen de bloemen beschadigen of de activiteit van bestuivende insecten beperken. Een tweede abrikozenras met een overlappende bloeiperiode kan de bestuiving ondersteunen, maar is niet noodzakelijk. Een warme, beschutte standplaats is in België doorgaans belangrijker voor een betrouwbare oogst.
De vruchten rijpen doorgaans in augustus. Het precieze pluktijdstip verschilt volgens standplaats, zomerweer en vruchtbelasting. Een rijpe abrikoos krijgt een duidelijke oranje kleur, geurt aromatisch en geeft licht mee bij zachte druk. Pluk de vruchten voorzichtig, omdat rijpe abrikozen snel kneuzen. Voor onmiddellijke consumptie mogen ze volledig aan de boom rijpen. Vruchten die nog verwerkt of kort bewaard worden, kunnen iets steviger worden geoogst.
Dat kan, maar de standplaats is doorslaggevend. De boom zelf verdraagt Belgische winters doorgaans beter dan de vroege bloesem. Bloemen die in maart of begin april openen, kunnen door late nachtvorst beschadigd worden. Plant de boom daarom zonnig en beschut, bij voorkeur niet in een laagte waar koude lucht blijft hangen. Een warme muur of een beschutte boomgaard kan het microklimaat verbeteren. Ook langdurig natte wintergrond moet worden vermeden, omdat abrikozen een goed doorlatende bodem nodig hebben.
Gebruik de eerste jaren vooral voor een rustige kroonopbouw. Kies enkele stevig ingeplante zijtakken die gelijkmatig rond de stam verdeeld staan en verwijder concurrerende, beschadigde of sterk naar binnen groeiende scheuten. Vermijd zware snoei en grote wonden, want abrikozen herstellen daarvan minder vlot. Voer noodzakelijke snoei bij voorkeur uit tijdens een droge periode in de zomer, eventueel rond of na de oogst. Bind de centrale scheut aan zolang de jonge boom nog onvoldoende stevig verankerd is.