Vruchten en oogst
Abrikoos (Prunus armeniaca) 'Hongaarse' draagt geeloranje vruchten met een goede, aromatische smaak. Ze zijn geschikt als handfruit, maar kunnen ook verwerkt worden tot confituur, compote, gebak of gedroogde abrikozen. De pluk valt in België doorgaans in augustus, afhankelijk van de standplaats en het zomerweer.
'Hongaarse' is zelfbestuivend. Eén boom kan dus vruchten dragen zonder een ander abrikozenras in de omgeving. De uiteindelijke opbrengst blijft wel afhankelijk van het weer tijdens de bloei.
Standplaats en bloei
Deze abrikoos bloeit vroeg, meestal in maart. Daardoor kunnen de bloemen en jonge vruchtbeginsels schade oplopen bij late nachtvorst. Plant de boom in de volle zon op een warme, beschutte plaats. Een standplaats bij een zuidgerichte muur bevordert de rijping en beschermt de bloei gedeeltelijk tegen koude wind.
De bodem moet voldoende voedzaam en goed doorlatend zijn. Langdurig natte grond is ongeschikt. Geef jonge bomen tijdens droge perioden water, vooral zolang het wortelgestel nog niet volledig ontwikkeld is.
Jaarse snoer en snoei
Een jaarse snoer is jong uitgangsmateriaal dat na de aanplant verder gevormd wordt. Voor een geleide teelt is een stevig steunvlak nodig waaraan de jonge scheuten geleidelijk kunnen worden aangebonden.
Snoei abrikozen bij voorkeur beperkt en tijdens droog zomerweer of kort na de oogst. Wintersnoei verhoogt bij steenvruchten het risico op aantasting via de snoeiwonden. Verwijder vooral beschadigde, kruisende of verkeerd geplaatste takken en behoud een luchtige kroon.