- Alle producten
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladhoudend
- ABELIA 'EDWARD GOUCHER'
- Bladhoudend
Abelia 'Edward Goucher' vormt een bossige heester met licht overbuigende takken. Het jonge blad loopt bronskleurig uit en wordt later groen. Van juli tot in de vroege herfst verschijnen talrijke roze, buisvormige bloemen.
De struik wordt doorgaans ongeveer 1 tot 1,5 meter hoog. Het blad blijft tijdens zachte winters gedeeltelijk aan de plant, maar kan na strengere vorst grotendeels afvallen. Een warme en beschutte standplaats in de zon of lichte halfschaduw is daarom aangewezen.
Plant deze Abelia in een goed doorlatende bodem. Langdurig natte wintergrond verhoogt de kans op wortelproblemen en vorstschade. Snoei is meestal beperkt tot het verwijderen van beschadigde takken en het corrigeren van de vorm in het voorjaar.
Abelia 'Edward Goucher' is halfwintergroen. Tijdens een zachte Belgische winter blijft een deel van het blad doorgaans aan de struik. Bij strengere vorst of op een onbeschutte standplaats kan hij grotendeels kaal worden. Dat hoeft niet te betekenen dat de plant verloren is: in het voorjaar loopt gezond hout opnieuw uit. Een plek uit koude oostenwind en een goed doorlatende bodem verkleinen de kans op vorstschade.
Ja, lichte halfschaduw is mogelijk, maar op een zonnige en warme plaats bloeit deze cultivar doorgaans rijker. Vermijd diepe schaduw, omdat de groei daar losser kan worden en de bloei afneemt. Vooral in België is een beschutte standplaats belangrijk: warmte en voldoende zon helpen het hout goed afrijpen voor de winter. Bescherming tegen koude wind is daarbij belangrijker dan maximale zon gedurende de hele dag.
Deze cultivar bereikt doorgaans een hoogte en breedte van ongeveer 1 tot 1,5 meter. De uiteindelijke omvang hangt af van bodem, standplaats en snoei. De takken groeien licht overbuigend, waardoor een volwassen struik meer ruimte inneemt dan een strikt opgaande heester. Voorzie daarom voldoende plaats zodat de natuurlijke vorm behouden kan blijven. Regelmatig hard terugsnoeien is meestal niet nodig.
Snoei bij voorkeur in het voorjaar, wanneer duidelijk zichtbaar is welke takken tijdens de winter beschadigd zijn. Verwijder dood of ingevroren hout tot op een gezond gedeelte en kort alleen takken in die de vorm verstoren. Een zware jaarlijkse snoei is niet nodig. Oudere struiken kunnen geleidelijk worden verjongd door enkele van de oudste takken laag weg te nemen, zonder de volledige plant ineens terug te zetten.
Bladverlies na de winter is bij deze halfwintergroene cultivar niet ongewoon. Koude wind, strengere vorst en natte grond kunnen het bladverlies versterken. Controleer in het voorjaar of de twijgen nog levend zijn door voorzichtig aan de bast te krabben: groen weefsel wijst op levend hout. Wacht met het verwijderen van twijfelachtige takken tot de nieuwe uitloop zichtbaar wordt. Op een warme, beschutte plaats houdt de struik doorgaans meer blad.