- All products
- Sierplanten
- Andere
- Waterplanten
- PERSICARIA AMPHIBIUM
- Waterplanten
Waterplant en oeverplant
Veenwortel (Persicaria amphibia) is een meerjarige, wortelende waterplant die zowel in water als op een natte oever kan groeien. In het water ontwikkelt hij lange stengels met glanzende bladeren die op het wateroppervlak drijven. Op het land vormt dezelfde soort rechtopstaande stengels met matter en vaak behaarder blad. Beide groeivormen kunnen in elkaar overgaan wanneer het waterpeil verandert.
Van juli tot in de herfst verschijnen compacte bloemaren boven het blad. De kleine bloemen zijn doorgaans roze, maar kunnen ook vuilwit tot roodachtig kleuren. Ze worden bezocht door nectarzoekende insecten.
Standplaats en groei
Veenwortel groeit in zon tot halfschaduw en vraagt permanent natte grond of een standplaats in stilstaand tot rustig water. De plant wortelt in de bodem en is dus geen vrij drijvende waterplant. De drijvende bladeren geven beschutting aan het wateroppervlak.
De stevige wortelstokken kunnen zich onder gunstige omstandigheden sterk uitbreiden. Een vijvermand helpt om de groei in kleinere vijvers te begrenzen. Overtollige wortelstokken en plantenresten horen niet in openbare waterlopen of natuurgebieden terecht te komen.
De bovengrondse delen sterven tijdens de winter grotendeels af. De winterharde wortelstok loopt in het voorjaar opnieuw uit. Afgestorven blad en stengels kunnen in het najaar worden verwijderd wanneer ze zich in de vijver ophopen.
Veenwortel kan beide groeivormen aannemen. In water wortelt de plant in de bodem en vormt hij lange stengels met bladeren die op het water drijven. Hij drijft dus niet vrij rond zoals kroos. Op een permanent natte oever ontstaan eerder rechtopstaande stengels. Wanneer het waterpeil verandert, kan ook de groeiwijze geleidelijk veranderen. Daardoor is de soort bruikbaar in vijvers met een natuurlijke overgang tussen open water en natte oever.
Ja. Veenwortel vormt stevige ondergrondse wortelstokken en kan onder gunstige omstandigheden een ruim oppervlak innemen. In een kleinere of strak aangelegde vijver is een voldoende grote vijvermand nuttig om de wortelgroei beter te beheersen. Te brede bestanden kunnen tijdens het groeiseizoen worden uitgedund. Voer verwijderde wortelstokken en plantenresten af via tuin- of groenafval en breng ze niet naar sloten, beken of andere natuurlijke waterpartijen.
Nee. Veenwortel is niet wintergroen. Het blad en de stengels sterven tijdens de winter grotendeels af, terwijl de meerjarige wortelstok in de bodem overleeft. In het voorjaar loopt de plant opnieuw uit. Verwijder afgestorven plantendelen wanneer ze zich in de vijver ophopen; zo belandt er minder organisch materiaal op de bodem. De soort is voldoende winterhard voor het Belgische klimaat wanneer de wortelzone niet volledig uitdroogt.
Veenwortel past zijn groei aan de waterstand aan. De watervorm draagt doorgaans glanzende, onbehaarde bladeren aan stengels die op het water drijven. De landvorm maakt rechtopstaande stengels met smallere, mattere en vaak behaarde bladeren. Dit zijn geen verschillende soorten, maar twee verschijningsvormen van dezelfde plant. Bij een stijgend of dalend waterpeil kunnen deze vormen geleidelijk in elkaar overgaan.
Een vijvermand is niet noodzakelijk, maar is wel nuttig wanneer de beschikbare ruimte beperkt is. De mand houdt de wortelkluit bijeen en remt de uitbreiding van de wortelstokken enigszins af. In een ruime natuurlijke vijver of natte oeverzone kan de plant ook rechtstreeks in een geschikte bodem wortelen. Houd er rekening mee dat veenwortel zich daar vrijer kan verspreiden en dus meer opvolging kan vragen.