- All products
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- TRIFOLIUM RUBENS
- Vaste planten
Purperen klaver (Trifolium rubens) onderscheidt zich door zijn langgerekte, dicht bezette bloemhoofdjes. De zilverachtig behaarde knoppen openen vanaf juni tot purperrode bloemen, gedragen op rechtopstaande stengels boven het smalle, grijsgroene blad. De bloemen worden bezocht door bijen en andere bestuivende insecten.
Deze bladverliezende vaste plant wordt doorgaans ongeveer 50 tot 70 cm hoog. Hij komt het best tot zijn recht op een zonnige plaats in goed doorlatende grond. Een voedselrijke of zwaar bemeste bodem is niet nodig; te veel voeding kan een minder stevige groei geven. Vermijd vooral grond die tijdens de winter langdurig nat blijft.
Knip de uitgebloeide bloemstengels terug wanneer zaadvorming niet gewenst is. Dit houdt de plant verzorgd en kan bij gunstig zomerweer een beperkte nabloei stimuleren. De afgestorven stengels en bladeren kunnen aan het einde van de winter worden verwijderd.
Nee. Purperen klaver (Trifolium rubens) is een andere soort dan de gewone rode klaver (Trifolium pratense). Hij wordt vooral als sierplant gebruikt vanwege zijn opvallend langgerekte, purperrode bloemhoofdjes en zilverachtig behaarde bloemknoppen. Ook het blad is smaller en grijsgroener. De planten verschillen daardoor duidelijk in uiterlijk, hoewel beide tot het geslacht klaver behoren.
Purperen klaver verdraagt na het inwortelen tijdelijke droge periodes, op voorwaarde dat de bodem niet volledig uitdroogt. Een zonnige, goed doorlatende grond is geschikter dan zware grond waarin water blijft staan. Geef pas aangeplante exemplaren tijdens droge periodes voldoende water. Ook oudere planten kunnen op zeer droge zandgrond extra water nodig hebben tijdens langdurige zomerdroogte.
Zware bemesting is niet nodig. Purperen klaver groeit goed in een matig voedselrijke, doorlatende bodem. Een dunne laag compost in het voorjaar volstaat doorgaans. Een overmaat aan stikstof kan veel bladgroei veroorzaken en de bloemstengels minder stevig maken. Voeg alleen kalk toe wanneer uit de bodemtoestand blijkt dat dit nodig is; jaarlijks preventief bekalken is niet aangewezen.
Het verwijderen van uitgebloeide bloemstengels kan bij gunstig weer een beperkte nabloei stimuleren, maar dit is niet verzekerd. Knip de stengels terug zodra de eerste bloei voorbij is en laat het gezonde blad staan. De plant kan dan nieuwe scheuten vormen zonder energie aan zaadvorming te besteden. De hoofdbloei blijft doorgaans duidelijk rijker dan een eventuele tweede bloei.
Dat kan in een voldoende diepe pot met ruime afwateringsgaten. Gebruik een luchtig substraat en plaats de pot in de zon. Laat overtollig water vlot weglopen, vooral tijdens de winter, want langdurig natte potgrond is ongunstig. Geef in de zomer water zodra de bovenste laag grond begint uit te drogen. Verpot wanneer de wortelkluit te dicht wordt of de afwatering vermindert.