- All products
- Sierplanten
- Bodembedekkers
- TIARELLA HYBRIDE 'NEON LIGHTS'
- Bodembedekkers
Tiarella hybride 'Neon Lights' onderscheidt zich door haar diep ingesneden, frisgroene bladeren met een uitgesproken zwartpaarse tekening langs de nerven en rond het bladcentrum. De bladtekening is doorgaans het krachtigst tijdens het koele voorjaarsweer. In de herfst kan het blad bronsrode tinten aannemen.
In april en mei verschijnen fijne witte bloemen in luchtige aren boven het blad. De plant groeit compact en polvormend, zonder lange uitlopers te maken. Daardoor ontstaat een beheerste bodembedekking die geschikt is voor een schaduwborder, een bostuin of de onderbeplanting van bladverliezende heesters.
'Neon Lights' groeit het best in halfschaduw tot schaduw, op een humusrijke en gelijkmatig vochthoudende bodem. Een goede afwatering blijft belangrijk, vooral tijdens de winter. Felle middagzon en een droge standplaats kunnen bladverbranding veroorzaken. Het blad blijft tijdens zachte winters gedeeltelijk aanwezig, maar kan na strengere vorst grotendeels verdwijnen.
Ja. 'Neon Lights' groeit in halfschaduw tot schaduw, op voorwaarde dat de bodem humusrijk, doorlatend en niet langdurig droog is. Onder bladverliezende heesters krijgt de plant in het voorjaar vaak voldoende licht om goed uit te lopen en te bloeien. In zeer diepe schaduw kan de bloei minder rijk zijn en kan de kenmerkende bladtekening minder krachtig worden. Een plaats met gefilterd licht of enkele uren zachte ochtendzon geeft doorgaans het evenwichtigste resultaat.
Felle volle zon is minder geschikt. Vooral op droge grond kan het blad aan de randen verbranden en verliest de plant sneller haar frisse voorjaarskleur. Zachte ochtendzon wordt doorgaans goed verdragen wanneer de bodem gelijkmatig vochtig blijft. Vermijd bij voorkeur warme middagzon en standplaatsen langs sterk opwarmende muren. In lichte halfschaduw blijft het blad doorgaans langer fris en komt de donkere tekening rond het bladcentrum goed tot haar recht.
Ja, vooral voor kleinere oppervlakken in halfschaduw of schaduw. Deze cultivar groeit in compacte pollen en vormt geen lange, sterk woekerende uitlopers. Daardoor ontstaat een beheerste begroeiing onder heesters, langs een schaduwrand of tussen andere vaste planten. Voor een volledig gesloten plantvak zijn meerdere planten nodig. De bodem mag niet langdurig uitdrogen en moet overtollig winterwater voldoende kunnen afvoeren.
Het blad kan tijdens zachte Belgische winters gedeeltelijk behouden blijven. Bij strengere vorst, koude wind of langdurig natte omstandigheden kan een groter deel afsterven. In het voorjaar loopt de plant opnieuw uit vanuit de basis. Oude of beschadigde bladeren kunnen vlak voor de nieuwe groei voorzichtig verwijderd worden. Beschouw deze cultivar daarom als deels wintergroen en niet als een vaste plant die onder alle omstandigheden een gesloten winterdek behoudt.
Een echte snoei is niet nodig. Uitgebloeide bloemstengels mogen na de bloei worden weggeknipt wanneer een netter plantbeeld gewenst is. Verwijder aan het einde van de winter alleen afgestorven of beschadigde bladeren, voordat de nieuwe groei begint. Laat gezond overwinterend blad staan zolang het nog sierwaarde heeft. Op een geschikte, humusrijke standplaats blijft het onderhoud verder beperkt.