- All products
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- THALICTRUM DELAVAYI 'HINCKLEY'
- Vaste planten
Thalictrum delavayi 'Hinckley' onderscheidt zich door zijn relatief grote, enkelvoudige bloemen in lila tot paars. Ze staan los verdeeld op fijn vertakte stengels en geven de plant een transparante groeiwijze. De bloei begint doorgaans in de zomer en kan tot september aanhouden.
Het fijn verdeelde, blauwgroene blad vormt een losse pol. De plant wordt gewoonlijk ongeveer 1 meter hoog, maar kan op een voedselrijke, voldoende vochtige bodem hoger uitgroeien. Een beschutte standplaats voorkomt dat de lange bloemstengels bij wind of zware regen openvallen.
'Hinckley' groeit het best in halfschaduw, op een humusrijke bodem die licht vochtig blijft maar goed afwatert. Zon is mogelijk wanneer de grond tijdens droge zomerperioden niet uitdroogt. Langdurig natte, slecht doorlatende grond is minder geschikt.
De bovengrondse delen sterven in de winter af. De oude stengels kunnen in het late najaar of vóór de nieuwe groei in het voorjaar worden teruggesneden.
'Hinckley' wordt doorgaans ongeveer 1 meter hoog. Op een voedselrijke, humusrijke bodem die voldoende vochtig blijft, kunnen de bloemstengels hoger uitgroeien. De plant blijft door zijn losse vertakking en fijne bladstructuur transparant. Houd bij de plaatskeuze rekening met de ruimte die de hoge bloemstengels innemen en zet hem niet vlak voor lage vaste planten.
Volle zon is mogelijk wanneer de bodem voldoende vocht vasthoudt. Op droge zandgrond of een warme standplaats kan het blad sneller verdrogen en blijft de groei beperkter. Halfschaduw biedt in Belgische tuinen doorgaans stabielere omstandigheden. Vermijd vooral een combinatie van felle middagzon en een bodem die tijdens de zomer volledig uitdroogt.
Deze ruit groeit het best in humusrijke, licht vochtige grond met een goede afwatering. Zowel zand-, leem- als kleigrond kan geschikt zijn wanneer de bodemstructuur voldoende luchtig is. Verbeter snel uitdrogende grond met organisch materiaal. Op zware grond is het belangrijk dat overtollig water kan wegvloeien, vooral tijdens de winter.
Op een beschutte standplaats blijft de plant meestal beter overeind. In open tuinen kunnen de lange, fijn vertakte bloemstengels na wind of zware regen uit elkaar vallen. Een onopvallende plantensteun kan dan nuttig zijn. Plaats die vroeg in het groeiseizoen, zodat de stengels er op natuurlijke wijze doorheen groeien.
De bovengrondse delen sterven na het groeiseizoen af. De verdroogde stengels mogen in het late najaar worden verwijderd, maar kunnen ook tot het einde van de winter blijven staan. Knip ze vóór de nieuwe scheuten verschijnen dicht boven de grond af. Verdere snoei is tijdens het groeiseizoen doorgaans niet nodig.