- All products
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladhoudend
- PIERIS 'FOREST FLAME'
- Bladhoudend
Opvallend gekleurde voorjaarsuitloop
Rotsheide (Pieris 'Forest Flame') onderscheidt zich door de felrode jonge bladeren in het voorjaar. Tijdens het uitgroeien verkleuren ze geleidelijk naar zalmroze en crème, om uiteindelijk groen te worden. Het volwassen blad blijft ook in de winter aan de struik.
In april verschijnen hangende trossen met kleine witte bloemen. De bloemknoppen zijn vaak al vanaf het najaar zichtbaar, waardoor de plant ook tijdens de winter structuur behoudt.
Standplaats en bodem
'Forest Flame' groeit het best in zure, humusrijke en goed doorlatende grond die niet langdurig uitdroogt. Op kalkrijke bodems kan het blad geel verkleuren door een gebrekkige opname van voedingsstoffen. Een zonnige tot halfschaduwrijke standplaats is geschikt, maar op een warme plek moet de bodem voldoende vochtig blijven.
De struik vraagt weinig snoei. Dode of storende takken kunnen na de bloei worden verwijderd. Door zijn wintergroene blad en beheerste groei is deze cultivar bruikbaar als solitair of in een groep met andere zuurminnende struiken.
De kleurverandering is een normaal en kenmerkend onderdeel van de voorjaarsgroei. Nieuwe bladeren lopen felrood uit en verkleuren tijdens het afharden eerst naar zalmroze en crème. Daarna worden ze groen. De rode kleur is dus geen blijvende bladkleur. De intensiteit kan variëren volgens licht, temperatuur en groeikracht. Nieuwe scheuten die later in het seizoen verschijnen, kunnen opnieuw rood uitlopen.
Geel blad met duidelijk groenere nerven wijst vaak op chlorose door een te hoge zuurtegraad van de bodem. Pieris heeft zure grond nodig en kan op kalkrijke bodem bepaalde voedingsstoffen moeilijk opnemen. Ook herhaald water geven met kalkrijk leidingwater kan dit probleem versterken. Verbeter de standplaats met een geschikt zuur substraat en gebruik bij voorkeur regenwater. Een voortdurend natte, slecht doorlatende bodem kan eveneens bladproblemen veroorzaken.
Ja, maar alleen wanneer de bodem voldoende vochthoudend is en niet sterk opwarmt of uitdroogt. In Belgische tuinen is lichte halfschaduw doorgaans de veiligste standplaats. Op een warme plek met felle middagzon kan het jonge blad beschadigd raken, vooral bij droogte. Een laag organische mulch helpt het bodemvocht op peil te houden. Vermijd zowel langdurige droogte als stilstaand water rond de wortels.
Regelmatige snoei is niet nodig. Verwijder na de bloei uitsluitend dode, beschadigde of storende takken. Een lichte vormcorrectie kan eveneens op dat moment gebeuren. Sterke snoei vermindert tijdelijk de sierwaarde van het gekleurde jonge blad en kan de volgende bloei beperken. Geef de struik daarom voldoende ruimte om zijn natuurlijke vorm te ontwikkelen en beperk de snoei tot wat functioneel nodig is.
Ja, deze cultivar kan in een ruime pot worden gehouden. Gebruik een zuur substraat voor zuurminnende planten en kies een pot met vrije afvoeropeningen. De wortelkluit mag niet volledig uitdrogen, maar evenmin voortdurend nat blijven. Regenwater is geschikter dan kalkrijk leidingwater. Controleer tijdens droge en winderige perioden regelmatig het bodemvocht, ook in de winter. Bescherm de pot bij strenge vorst tegen het volledig doorvriezen van de wortelkluit.