- All products
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- PAPAVER ORIENTALE 'PERRY'S WHITE'
- Vaste planten
Oosterse klaproos (Papaver orientale) 'Perry's White' bloeit in de late lente en vroege zomer met grote, papierachtige witte bloemen. Donker bordeauxrode tot bijna zwarte vlekken aan de basis van de bloemblaadjes vormen een duidelijk contrast met het wit. De bloemen staan afzonderlijk op stevige, behaarde stengels boven een pol van ruw, diep ingesneden blad.
De plant wordt doorgaans 60 tot 90 cm hoog, afhankelijk van bodem en standplaats. Na de bloei trekt het grijsgroene blad vaak grotendeels in. Dat is een normaal onderdeel van de groeicyclus en geen teken dat de plant afgestorven is. Bij koeler weer kan vanuit de basis opnieuw fris blad verschijnen. Zet 'Perry's White' daarom tussen vaste planten die het tijdelijk openvallende gedeelte van de border tijdens de zomer opvullen.
Standplaats en bodem
Deze cultivar bloeit het rijkst in de volle zon. Een diepe, goed doorlatende bodem is belangrijk, want vooral winterse nattigheid kan wortelproblemen veroorzaken. Een gevestigde plant verdraagt tijdelijke droogte beter dan een voortdurend natte standplaats. Ook kalkhoudende tuingrond is doorgaans geschikt wanneer overtollig water voldoende snel weg kan.
Door zijn vlezige wortels wordt een volwassen Oosterse klaproos niet graag verplant. Kies daarom meteen een standplaats waar de pol meerdere jaren kan blijven staan. Uitgebloeide stengels mogen worden weggeknipt; het resterende blad kan worden verwijderd zodra het volledig verdroogd is.
Het bovengrondse blad trekt tijdens warme of droge zomerweken van nature grotendeels in. Dit hoort bij de groeicyclus van de Oosterse klaproos en betekent meestal niet dat de plant afgestorven is. Laat de wortelzone tijdens deze rustperiode zoveel mogelijk ongemoeid. Wanneer het later in de zomer of in het najaar koeler wordt, kan vanuit de basis opnieuw een bladertoef verschijnen. Naburige vaste planten met een later groeiseizoen kunnen de tijdelijk opengevallen plaats in de border opvullen.
Een goed ingewortelde plant verdraagt droge perioden doorgaans behoorlijk, maar jonge planten hebben tijdens langdurig droog weer extra water nodig. De bodem moet diep en waterdoorlatend zijn. Zeer arme zandgrond kan worden verbeterd met rijpe compost, zonder de standplaats zwaar of nat te maken. Vooral stilstaand water in de winter is ongunstig. Op zware grond helpt het om de bodemstructuur vóór het planten te verbeteren en een plek te kiezen waar regenwater gemakkelijk wegloopt.
Verplanten is mogelijk, maar een volwassen Oosterse klaproos herstelt niet altijd gemakkelijk doordat hij dikke, vlezige wortels vormt. Kies bij voorkeur meteen een definitieve standplaats. Is verplaatsen toch nodig, doe dit dan tijdens de rustperiode en graaf de plant zo ruim en diep mogelijk uit. Beperk beschadiging van de wortels en plant onmiddellijk opnieuw in goed doorlatende grond. Houd er rekening mee dat de bloei in het eerstvolgende seizoen minder rijk kan zijn terwijl de plant opnieuw inwortelt.
Een gebrek aan direct zonlicht, een te natte bodem of recente verplanting kan de bloei beperken. Ook een jonge plant heeft soms tijd nodig om een voldoende sterke wortelbasis te vormen. Kies een zonnige plaats met diepe, goed doorlatende grond en vermijd een voortdurend natte wortelzone. Geef niet overdreven veel stikstofrijke mest, omdat dit vooral bladgroei kan stimuleren. Wanneer de pol al jarenlang op dezelfde plaats staat, kan voorzichtig delen of verjongen tijdens de rustperiode worden overwogen.
De bloemstengels mogen worden afgeknipt zodra de bloemen uitgebloeid zijn, tenzij u de grijsgroene zaaddozen tijdelijk wilt behouden. Verwijder het blad pas wanneer het geel of volledig verdroogd is. Zolang het nog groen is, ondersteunt het de opslag van reserves in de wortels. Het afstervende blad is tijdens de zomer normaal. Trek niet aan de stengels en spit niet rond de plant, want daarbij kunnen de vlezige wortels beschadigd raken.