- All products
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Siergrassen
- PANICUM VIRGATUM 'ROTSTRAHLBUSH'
- Siergrassen
Rode verkleuring vanaf de nazomer
Panicum virgatum 'Rotstrahlbush' is een polvormend siergras met een opgaande, vrij losse groei. Het aanvankelijk groene blad verkleurt vanaf de bladpunten naar rood en paarsrood. Deze kleurontwikkeling wordt sterker tijdens de nazomer en herfst.
Vanaf juli verschijnen fijne, open bloempluimen boven het blad. De volwassen plant wordt doorgaans ongeveer 1 tot 1,5 meter hoog. De verdrogende halmen en pluimen blijven in de winter lang overeind en geven dan nog structuur aan de beplanting.
Standplaats en onderhoud
Dit vingergras groeit het stevigst en verkleurt het duidelijkst op een zonnige standplaats. Halfschaduw wordt verdragen, maar bij te weinig licht kan de groei losser worden en kunnen de halmen gemakkelijker uitzakken. Kies een goed doorlatende bodem die niet langdurig nat blijft. Eenmaal ingeworteld verdraagt de plant tijdelijke droogte.
Laat het afgestorven loof tijdens de winter staan en knip de volledige pol eind februari of begin maart terug tot kort boven de grond. De nieuwe groei verschijnt in het voorjaar vanuit de basis. Vermijd een overdreven voedselrijke bodem, omdat de halmen dan minder stevig kunnen worden.
De rode bladkleur ontwikkelt zich doorgaans het sterkst op een warme, zonnige standplaats. In halfschaduw blijft het blad vaak langer groen en kan de herfstverkleuring minder intens zijn. Ook het seizoen speelt een rol: de verkleuring begint meestal pas in de nazomer en neemt daarna geleidelijk toe. Jonge of pas aangeplante exemplaren kunnen nog minder uitgesproken kleuren dan goed gevestigde pollen. Zorg voor voldoende licht en vermijd een overdreven voedselrijke bodem, die vooral veel zachte, groene groei stimuleert.
Op een zonnige plaats en in een niet te voedselrijke bodem blijft dit vingergras doorgaans goed opgaand. In te veel schaduw groeit de pol losser en kunnen de halmen gemakkelijker uiteenwijken. Ook een overmatige bemesting kan lange, zachte groei veroorzaken die minder stevig is. Plant het gras daarom bij voorkeur in de volle zon en geef slechts beperkt mest. De open bloempluimen maken het silhouet van nature luchtig; dat losse uiterlijk betekent niet noodzakelijk dat de plant omvalt.
Ja, een goed ingewortelde plant verdraagt tijdelijke droge perioden. Een goed doorlatende zand- of zandleembodem is daardoor geschikt, zolang jonge planten tijdens langdurige droogte voldoende water krijgen. Pas aangeplante exemplaren hebben nog geen uitgebreid wortelgestel en zijn gevoeliger voor uitdroging. Langdurig kurkdroge grond kan de groei en bloei beperken. Vermijd tegelijk een bodem waarin tijdens de winter lange tijd water blijft staan, omdat koude, natte omstandigheden minder geschikt zijn voor dit siergras.
Knip de oude halmen eind februari of begin maart terug tot kort boven de grond, voordat de nieuwe scheuten duidelijk beginnen te groeien. Snoei niet in het najaar: de verdroogde pluimen en halmen behouden tijdens de winter structuur en beschermen de basis van de pol enigszins. Gebruik bij het terugknippen een scherpe snoeischaar of heggenschaar en verwijder het losse materiaal uit het hart van de plant. Nieuwe scheuten lopen in het voorjaar vanuit de basis uit.
Nee, deze cultivar groeit hoofdzakelijk in een pol en breidt zich geleidelijk uit. Hij vormt geen snel woekerende uitlopers zoals sommige andere grassen. Na meerdere jaren kan de pol wel breder worden en eventueel worden gedeeld. Zaailingen kunnen afwijken van de kenmerkende rode bladkleur en worden daarom het best verwijderd wanneer een uniforme beplanting gewenst is. Door de beheerste polvorming is het gras bruikbaar als afzonderlijk accent en in herhaalde groepen of grotere plantvakken.