Zoete gele mirabellen
Prunus domestica 'Mirabelle de Nancy' vormt kleine, ronde pruimen met een goudgele schil, soms voorzien van rode stipjes of een lichte blos. Het gele vruchtvlees is sappig, stevig en uitgesproken zoet met een herkenbaar aroma. De vruchten kunnen vers gegeten worden, maar komen ook goed tot hun recht in confituur, compote, gebak en likeur.
De pruimen zijn doorgaans plukrijp in augustus. De precieze oogstperiode verschilt naargelang het zomerweer en de standplaats. Rijpe mirabellen kleuren volledig geel, worden iets zachter en laten gemakkelijk los wanneer ze voorzichtig worden geplukt. Ze bewaren maar kort en worden daarom het best snel gegeten of verwerkt.
Groei en standplaats
Deze halfstam heeft een kale stam van 1,20 tot 1,30 meter, met daarboven de kroon. De uiteindelijke boomgrootte wordt mede bepaald door de onderstam, bodem en snoei, maar bedraagt doorgaans ongeveer 3 tot 5 meter. Voorzie voldoende ruimte om een open kroon te ontwikkelen.
Plant 'Mirabelle de Nancy' bij voorkeur in de zon. Daar rijpen de vruchten het best en ontwikkelen ze hun volle smaak. Halfschaduw wordt verdragen, maar kan de rijping en vruchtkwaliteit verminderen. Een voedzame, goed doorlatende bodem is aangewezen; langdurig natte grond verhoogt de kans op wortelproblemen.
Bloei, bestuiving en snoei
De witte bloemen verschijnen gewoonlijk in april. Over de mate van zelfbestuiving bestaan uiteenlopende rasbeschrijvingen. Een andere, gelijktijdig bloeiende pruimenboom in de omgeving is daarom aangewezen wanneer een zo betrouwbaar mogelijke vruchtzetting gewenst is.
Snoei een pruimenboom beperkt en bij voorkeur tijdens droog zomerweer of kort na de oogst, niet in de winter. Verwijder vooral dode, kruisende en sterk naar binnen groeiende takken. Bij een uitzonderlijk zware vruchtzetting kan uitdunnen voorkomen dat takken overbelast raken en helpt het de resterende vruchten beter uit te groeien.