- All products
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladhoudend
- MAHONIA MEDIA 'CHARITY'
- Bladhoudend
Mahonia × media 'Charity' onderscheidt zich door zijn lange, opstaande bloemtrossen. De gele, licht geurende bloemen verschijnen vanaf de late herfst en kunnen tot midden in de winter aanhouden. Bij zacht weer leveren ze voedsel aan bestuivende insecten die nog actief zijn.
Deze wintergroene heester groeit opgaand en ontwikkelt stevige takken met grote, geveerde bladeren. De leerachtige deelblaadjes hebben een scherp getande rand. Geef de struik daarom voldoende ruimte langs vaak gebruikte paden en terrassen.
'Charity' groeit het best in halfschaduw of lichte schaduw. Meer zon wordt verdragen wanneer de bodem voldoende vochthoudend blijft, maar felle winterzon in combinatie met koude, uitdrogende wind kan bladschade veroorzaken. Een beschutte standplaats is vooral in koudere streken aangewezen.
De bodem mag humusrijk en vochthoudend zijn, maar overtollig water moet goed kunnen wegtrekken. Langdurig natte grond verhoogt de kans op wortelproblemen. Snoei is doorgaans beperkt tot het verwijderen van beschadigde of storende takken. Indien verjonging nodig is, gebeurt dit het best na de bloei.
'Charity' verdraagt zon wanneer de bodem voldoende vochthoudend blijft, maar halfschaduw is doorgaans veiliger. Op een zonnige, droge plaats kan het blad tijdens de zomer verdrogen. Ook felle winterzon kan schade geven wanneer de wortels door vorst tijdelijk geen water opnemen. Kies bij voorkeur een plaats met ochtend- of avondzon en bescherming tegen koude oostenwind. In diepe schaduw blijft de struik meestal groeien, maar kan de bloei minder rijk zijn.
Mahonia 'Charity' is op een geschikte standplaats doorgaans voldoende winterhard voor België. De winterbloemen en jonge groei zijn gevoeliger dan het oudere hout en kunnen tijdens een strenge vorstperiode beschadigd raken. Ook koude, uitdrogende wind kan bruine bladranden veroorzaken. Een beschutte plaats tegen een muur, haag of andere beplanting beperkt dit risico. Vermijd tegelijk laaggelegen plekken waar koude lucht en overtollig water blijven hangen.
Snoei bij voorkeur kort na de bloei, voordat de nieuwe groei goed op gang komt. Gewoonlijk volstaat het om dode, beschadigde of verkeerd geplaatste takken te verwijderen. Een oudere, kaal geworden struik kan geleidelijk worden verjongd door enkele van de oudste takken laag weg te nemen. Snoei niet ieder jaar zwaar terug: dat verstoort de natuurlijke opgaande groei en kan de volgende winterbloei beperken. Draag handschoenen vanwege de scherp getande bladeren.
Bruine bladranden ontstaan vaak door een combinatie van vorst, winterzon en uitdrogende wind. Het wintergroene blad blijft vocht verdampen terwijl de wortels in bevroren grond weinig water kunnen opnemen. Ook langdurig natte, slecht doorlatende grond kan bladschade en verzwakking veroorzaken. Controleer daarom eerst de bodem en standplaats. Beschadigd blad kan na de winter worden verwijderd zodra nieuwe groei zichtbaar wordt. Een humusrijke mulchlaag helpt om sterke schommelingen in bodemvocht te beperken.
Een beperkte bloei kan het gevolg zijn van diepe schaduw, een te droge bodem of snoei op een ongeschikt tijdstip. Ook jonge planten hebben soms tijd nodig om voldoende stevige bloeischeuten te vormen. Zorg voor lichte schaduw of gefilterd zonlicht en voorkom uitdroging tijdens de aanleg van nieuwe groei. Snoei bij voorkeur onmiddellijk na de bloei en alleen wanneer dat nodig is. Late snoei kan scheuten verwijderen waarop de volgende bloemtrossen worden aangelegd.