- All products
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- LAGERSTROEMIA INDICA 'RHAPSODY IN BLUE'
- Bladverliezend
Indische sering (Lagerstroemia indica 'Rhapsody in Blue') onderscheidt zich door een compacte, opgaande groei en donker purperrood blad. De donkerroze tot paarsroze bloemen staan in dichte pluimen en hebben de sterk gegolfde bloemblaadjes die kenmerkend zijn voor Lagerstroemia.
De bloei begint doorgaans in de zomer en kan bij voldoende warmte tot in de vroege herfst aanhouden. In het Belgische klimaat is een zonnige, warme en beschutte standplaats belangrijk. Op een koele of winderige plek rijpen de jonge scheuten minder goed af en kan de bloei beperkter blijven.
Plant deze cultivar in vruchtbare, luchtige grond die overtollig water vlot afvoert. Langdurig natte wintergrond verhoogt de kans op wortel- en vorstschade. Een beschutte plek tegen een zuid- of westgerichte muur biedt doorgaans de gunstigste omstandigheden.
'Rhapsody in Blue' kan ook in een ruime pot worden gehouden. Geef tijdens warme periodes regelmatig water, maar laat de wortelkluit niet voortdurend nat staan. Een potplant vraagt in de winter meer bescherming dan een exemplaar in de volle grond.
De bloemen verschijnen op jonge scheuten. Snoei daarom aan het einde van de winter of in het vroege voorjaar, zodra de strengste vorst voorbij is. Verwijder zwakke en slecht geplaatste takken en kort de sterkste scheuten alleen in wanneer een compacte vorm gewenst is.
De bloei is sterk afhankelijk van warmte en zon. Op een beschutte plaats in volle zon kan 'Rhapsody in Blue' vanaf de zomer bloeien, met soms bloemen tot in de vroege herfst. In koele zomers of op een winderige standplaats kan de bloei later beginnen en minder rijk zijn. Een plek tegen een warme zuid- of westgerichte muur helpt de jonge scheuten voldoende warmte op te nemen en bevordert de vorming en opening van de bloemknoppen.
Deze cultivar kan matige vorst verdragen zodra hij goed is ingeworteld, maar is in België niet geschikt voor een koude, open of langdurig natte standplaats. Vooral jonge planten en exemplaren in pot zijn gevoeliger. Plant bij voorkeur in het voorjaar, zodat de wortels vóór de eerste winter voldoende kunnen ontwikkelen. Een mulchlaag beschermt de wortelzone, maar mag niet tegen de stam worden opgehoopt. Bij strenge vorst vraagt een potplant extra beschutting.
Ja, de compacte groei maakt deze cultivar geschikt voor een ruime pot met goede afwatering. Gebruik een luchtig substraat en zorg dat overtollig giet- en regenwater gemakkelijk wegloopt. Tijdens warme zomerperiodes moet de kluit regelmatig worden gecontroleerd, omdat een pot sneller uitdroogt dan volle grond. Bescherm de pot in de winter tegen langdurige vorst of plaats hem tijdelijk op een koele, beschutte plek. Laat de kluit ook tijdens de winter niet volledig uitdrogen.
Snoei aan het einde van de winter of in het vroege voorjaar, nadat de strengste vorst voorbij is. De bloemen ontstaan op scheuten die in hetzelfde groeiseizoen worden gevormd. Verwijder eerst dood, zwak en kruisend hout. Sterke scheuten kunnen vervolgens beperkt worden ingekort om een compacte, open struik te behouden. Snoei niet in het najaar: verse snoeiwonden en jonge hergroei zijn dan gevoeliger voor winterkou.
Het blad heeft een duidelijke purperrode tot bordeauxrode tint, maar de intensiteit kan tijdens het seizoen variëren. Voldoende zon bevordert doorgaans de donkere bladkleur. Op een minder zonnige plek kan het blad groener worden. Ook jonge bladeren en nieuwe scheuten kunnen donkerder kleuren dan ouder zomerblad. De plant is bladverliezend en verliest zijn bladeren in het najaar.