Siberische lis (Iris sibirica) vormt dichte pollen van smal, grasachtig blad. In mei en juni verschijnen blauwe tot blauwviolette bloemen op stevige, slanke stelen boven het loof. Tijdens de bloei wordt de plant doorgaans 60 tot 100 cm hoog.
Deze vaste plant groeit het best in de zon tot lichte halfschaduw, op een humusrijke bodem die voldoende vocht vasthoudt. Een plaats aan de rand van een vijver of waterpartij is geschikt, maar de wortels mogen niet permanent onder water staan. Op drogere grond blijft de plant meestal in leven, al kunnen groei en bloei daar minder rijk zijn.
Het blad sterft in de winter af en kan in het vroege voorjaar worden verwijderd. Oudere pollen die minder goed bloeien, kunnen na de bloei worden gedeeld. Geef de opnieuw geplante delen voldoende water zodat ze zonder groeistilstand kunnen herwortelen.
Ja. Iris sibirica groeit goed aan een vochtige vijverrand, zolang de kroon en wortels niet permanent onder water staan. Kies een plaats waar de bodem vochtig blijft maar overtollig water kan wegzakken. Daarmee verschilt de Siberische lis van irissen die als echte oever- of waterplant in ondiep water kunnen groeien. Een vochtige border langs een waterpartij is daarom geschikter dan een plantmand die in de vijver wordt geplaatst.
Siberische lis kan tijdelijke droogte verdragen, maar ontwikkelt zich het best in een vochthoudende bodem. Op droge zandgrond blijft de pol vaak kleiner en kan de bloei afnemen. Meng bij het planten organisch materiaal door een lichte bodem en geef water tijdens langdurige droge periodes, vooral in het eerste jaar. Een bodem die voortdurend nat en zuurstofarm blijft, is evenmin geschikt; een gelijkmatig vochtige maar doorlatende grond geeft het betrouwbaarste resultaat.
De beste periode om een oudere pol te delen is kort na de bloei, doorgaans in juli of augustus. De jonge delen hebben dan nog voldoende tijd om vóór de winter nieuwe wortels te vormen. Graaf de pol uit, verdeel hem in stevige stukken en plant deze meteen opnieuw. Laat de wortels tijdens het werk niet uitdrogen en geef na het planten ruim water. Delen is vooral nuttig wanneer een oude pol in het midden kaal wordt of merkbaar minder bloemen vormt.
Het blad sterft in de winter af en hoeft tijdens het groeiseizoen niet te worden gesnoeid. Verwijder het verdorde loof bij voorkeur in het vroege voorjaar, voordat de nieuwe scheuten sterk uitlopen. Uitgebloeide bloemstelen mogen worden weggeknipt, maar kunnen ook blijven staan wanneer de zaaddozen gewenst zijn. Gebruik schoon gereedschap en voorkom dat jonge scheuten tijdens het opruimen worden beschadigd.
Een pas geplante Siberische lis gebruikt aanvankelijk veel energie voor de vorming van nieuwe wortels en een stevige pol. Daardoor kan de bloei in het eerste groeiseizoen beperkt blijven. Zorg voor een zonnige standplaats, een gelijkmatig vochtige bodem en voldoende water tijdens droge periodes. Plant de wortels niet te oppervlakkig en vermijd overmatige stikstofbemesting, omdat die vooral bladgroei stimuleert. Naarmate de pol zich verder ontwikkelt, neemt het aantal bloemstelen doorgaans toe.