- All products
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladhoudend
- ILEX AQUIFOLIUM 'J.C. VAN TOL'
- Bladhoudend
Wintergroene hulst met weinig stekels
Hulst (Ilex aquifolium) 'J.C. van Tol' onderscheidt zich door zijn glanzende, donkergroene bladeren met een vrijwel gave bladrand. Soms komen nog enkele kleine stekels voor, maar de plant is merkbaar aangenamer te snoeien en te hanteren dan scherp gestekelde hulstvormen.
De dicht vertakte plant ontwikkelt een breed ovale vorm en kan op termijn ongeveer 4 tot 6 meter hoog en 3 tot 4 meter breed worden. Door snoei blijft hij ook als compacte struik of wintergroene haag te onderhouden.
Bloei en rode bessen
In mei en juni verschijnen kleine witte bloemen in de bladoksels. 'J.C. van Tol' is een vrouwelijke cultivar die zonder afzonderlijke mannelijke bestuiver glanzend rode bessen kan vormen. De vruchtzetting kan per jaar verschillen onder invloed van het weer tijdens de bloei.
De bessen blijven vaak tot in de winter aan de plant en worden door vogels gegeten. Voor mensen zijn de bessen niet eetbaar en kunnen ze bij inname klachten veroorzaken.
Standplaats en bodem
Deze hulst groeit in zon, halfschaduw en schaduw. Voor een goede groei is een humusrijke, vochthoudende maar goed doorlatende bodem aangewezen. Zowel licht zure als kalkhoudende grond wordt verdragen, zolang langdurig natte en verdichte grond wordt vermeden.
'J.C. van Tol' is goed winterhard in België en verdraagt wind behoorlijk. Hij kan als solitaire struik of kleine boom worden gebruikt, maar is door zijn dichte vertakking en goede snoeiverdraagzaamheid ook geschikt voor een wintergroene haag.
Nee. 'J.C. van Tol' kan zonder afzonderlijke mannelijke hulst rode bessen vormen. Dat maakt deze cultivar geschikt wanneer slechts plaats is voor één exemplaar. De hoeveelheid bessen kan wel van jaar tot jaar verschillen. Koel of nat weer tijdens de bloei, sterke snoei en een erg schaduwrijke standplaats kunnen de vruchtzetting beperken. Voor een goede bessendracht is het belangrijk om niet elk voorjaar alle jonge bloeiende scheuten weg te snoeien.
Het blad is meestal gaafrandig of slechts zwak gestekeld, maar niet ieder blad is gegarandeerd volledig doornloos. Vooral aan de bovenste helft van het blad kunnen enkele kleine stekels voorkomen. Vergeleken met de gewone hulst is 'J.C. van Tol' veel aangenamer om te planten en te snoeien. Bij werkzaamheden blijft het dragen van handschoenen verstandig, omdat sommige bladeren en jonge scheuten toch scherpe punten kunnen hebben.
Nee. De rode bessen zijn niet geschikt voor menselijke consumptie en kunnen bij inname maag- en darmklachten veroorzaken. Plant de hulst daarom met de nodige aandacht in een tuin waar jonge kinderen aanwezig zijn. Vogels kunnen de vruchten wel eten en verspreiden zo de zaden. De bessen blijven vaak tijdens de herfst en een deel van de winter zichtbaar, al hangt dit mede af van hoeveel vruchten door vogels worden weggehaald.
Ja. Deze cultivar groeit zowel in zon als in halfschaduw en schaduw. Op een sterk beschaduwde plaats verloopt de groei doorgaans trager en kan de plant minder bessen dragen. Een humusrijke bodem die voldoende vocht vasthoudt maar overtollig water afvoert, is belangrijker dan volle zon. Onder grote bomen moet rekening worden gehouden met concurrentie om water, vooral tijdens droge perioden en in de eerste jaren na het planten.
Ja. De dichte vertakking, het blijvende blad en de goede snoeiverdraagzaamheid maken 'J.C. van Tol' geschikt voor een wintergroene haag. De cultivar groeit trager dan veel gangbare bladverliezende haagplanten, waardoor het langer duurt voordat een hoge haag volledig gesloten is. Eenmaal gevormd vraagt hij doorgaans één gerichte snoeibeurt per jaar. Snoei bij voorkeur niet tijdens vorst of fel, droog zomerweer en vermijd zeer diep terugsnoeien tot volledig kaal oud hout.