- All products
- Sierplanten
- Bodembedekkers
- GERANIUM PYREANAICUM 'BILL WALLIS'
- Bodembedekkers
Pyrenese ooievaarsbek (Geranium pyrenaicum 'Bill Wallis') vormt een losse, breed uitgroeiende plant met kleine, diep paarsblauwe bloemen. De bloemen staan op fijne, donker getinte stengels en verschijnen gedurende een lange periode, doorgaans van het late voorjaar tot in de herfst.
Deze cultivar wordt ongeveer 30 tot 50 cm hoog en groeit gemakkelijk tussen andere vaste planten en onder luchtige heesters. Hij kan open plekken geleidelijk innemen en is vooral geschikt voor informele borders en natuurlijke beplantingen. 'Bill Wallis' zaait zich vrij uit wanneer de uitgebloeide stengels blijven staan. Wie verdere verspreiding wil beperken, knipt de plant na de bloei terug.
Een zonnige tot halfschaduwrijke plaats in goed doorlatende grond is geschikt. De bodem mag matig vochtig blijven, maar langdurig natte grond wordt best vermeden. Na het inwortelen verdraagt de plant tijdelijke droogte beter. Terugknippen wanneer de groei later in het seizoen los of slordig wordt, stimuleert de vorming van fris blad en nieuwe bloemen.
Ja. 'Bill Wallis' kan zich vrij gemakkelijk uitzaaien wanneer de uitgebloeide stengels blijven staan. Dat is nuttig in informele borders waar de plant open plekken geleidelijk mag invullen. De zaailingen kunnen op onverwachte plaatsen tussen andere vaste planten verschijnen. Wie de verspreiding wil beperken, knipt de bloemstengels weg voordat het zaad rijp wordt. Ongewenste jonge planten zijn doorgaans eenvoudig te verwijderen of te verplanten.
Ja, vooral als losse bodembedekker tussen vaste planten, rozen of luchtige heesters. De plant vormt geen strak, gesloten tapijt, maar groeit breed uit en kan zich verder verspreiden door uitzaai. Daardoor past hij beter in natuurlijke en informele beplantingen dan in vakken die scherp begrensd moeten blijven. Voor een gelijkmatig resultaat worden meerdere planten over het plantvak verdeeld.
De fijne bloemstengels groeien tijdens de lange bloeiperiode steeds verder uit en kunnen daardoor later in het seizoen uiteen vallen. Dit is kenmerkend voor de losse groeiwijze van deze cultivar. Wanneer de plant te slordig wordt, kan hij licht tot stevig worden teruggeknipt. Geef na het snoeien water wanneer de grond droog is; doorgaans volgt daarna fris blad en kan de bloei opnieuw op gang komen.
Een goed ingewortelde plant verdraagt tijdelijke droogte, maar groeit het gelijkmatigst in een matig vochtige, goed doorlatende bodem. Pas geplante exemplaren mogen tijdens droge perioden niet volledig uitdrogen. Op zeer droge zandgrond blijft een laag compost of organische mulch nuttig om het bodemvocht langer vast te houden. Langdurig natte of slecht doorlatende grond is minder geschikt.
Verwijder regelmatig uitgebloeide bloemstengels of knip de plant terug wanneer de groei lang en open wordt. Dit beperkt de zaadvorming en stimuleert de ontwikkeling van nieuw blad en nieuwe bloemstengels. Zorg na een stevige terugknipbeurt voor voldoende water, zeker tijdens warm en droog weer. Op een geschikte standplaats kan de bloei zich zo van het late voorjaar tot ver in de herfst voortzetten.